Het college van B&W heeft het volkshuisvestingsplan Bouwen aan Gronings woongeluk voor de komende jaren vastgesteld. Daarmee wil de gemeente volgens wethouder Wonen Rik van Niejenhuis elke doelgroep een plek bieden om te leven en gelukkig te zijn, meldt Nieuws Impuls.
Sneller en gerichter bouwen
De woningmarkt in Groningen behoort tot de krapste in Nederland. Met 16.000 extra woningen in stad en dorpen ligt de focus met name op kleinere huishoudens, betaalbare woningen en een aangename leefomgeving. Het college streeft ernaar dit doel te bereiken door de woningbouw te versnellen en het aanbod van sociale huur, woningen in het middensegment en betaalbare koop te vergroten. Tevens worden gebieden die momenteel niet optimaal worden benut in kaart gebracht, met het oog op herbestemming van bestaande gebouwen.
Van Niejenhuis stelt: ‘We maken afspraken met corporaties en dagen ontwikkelaars uit om niet alleen snel, maar ook kwalitatief goed te bouwen. Een huis is meer dan vier muren: het gaat om een veilige en prettige omgeving.’ Het Volkshuisvestingsplan is in overleg met inwoners, corporaties en ontwikkelaars tot stand gekomen, onder meer door in 2024 een enquête te houden onder ruim 5.000 inwoners.
Financiële haalbaarheid verbeteren
Van de 16.000 nieuwe woningen in en rond de stad zullen er 2.000 tot stand komen door beter gebruik te maken van de bestaande voorraad, bijvoorbeeld via transformatie en het optoppen van gebouwen. Het aandeel sociale en betaalbare woningen zal uitkomen op 2/3 van het totaal.
Ondanks het streven naar betaalbaar bouwen, wil Groningen de financiële haalbaarheid voor ontwikkelaars waarborgen. De gemeente overlegt met bouwers en ontwikkelaars over manieren om het verkooprisico te verlagen, zodat bouwprojecten kunnen beginnen met een lager voorverkooppercentage.
Bij nieuwe woningbouwprojecten wordt gestreefd naar een verdeling van 30% sociale woningen, 30% in het middensegment en 40% in het hogere segment. ‘Op deze manier willen we de financiële haalbaarheid van de projecten verbeteren,’ aldus Van Niejenhuis.