Minister Boekholt-O’Sullivan heeft verklaard dat pensioenfondsen steeds minder kunnen investeren in de woningbouw, waarbij de beschikbare middelen dreigen op te raken. Dit volgt op de recordbrekende aankoop van 933 appartementen in een woontoren in de Amsterdamse nieuwbouwwijk Eleven Square door Bouwinvest, meldt Nieuws Impuls.
Buitenlandse partijen goed voor 1%
De VVD-fractie vroeg zich af waarom buitenlandse institutionele beleggers slechts goed waren voor 2% van de woningbouwinvesteringen vorig jaar. Boekholt-O’Sullivan verwees naar cijfers van Capital Value, die aantonen dat het aandeel internationale investeringen in nieuwbouw-huurwoningen van bijna 32% in 2022 is gedaald naar slechts 1% in 2025. Desondanks zijn de totale investeringen in nieuwe huurwoningen verdubbeld vergeleken met 2023 en 2024.
‘Buitenlandse investeerders belangrijk’
De VVD vroeg of binnenlandse beleggers alle noodzakelijke investeringen in de woningbouw, geschat op € 350 miljard, kunnen dekken. De minister gaf een negatief antwoord: ‘Veel pensioenfondsen geven aan dat ze tegen de grenzen van hun investeringscapaciteit in de Nederlandse woningmarkt aanlopen. De investeringsopgave is zo omvangrijk dat ook buitenlandse investeerders essentieel zijn voor de bouw van voldoende huurwoningen.’
Taskforce
Boekholt gelooft dat fiscale maatregelen buitenlandse investeerders weer kunnen aantrekken, al is het onduidelijk welke. Ze heeft hoge verwachtingen van de ministeriële taskforce Versnelling Woningbouw, die de doelstelling van 100.000 woningen per jaar moet realiseren. Eerdere maatregelen zoals het verlagen van de overdrachtsbelasting en de versoepeling van de earningsstrippingmaatregel moeten het investeringsklimaat verbeteren. Ook wordt er in oktober een delegatie naar Expo Real in München gestuurd om in contact te blijven met buitenlandse investeerders.
Fbi-regime
De wijziging van het fbi-regime is bedoeld om belastingontwijking door buitenlandse beleggers in Nederlands vastgoed te voorkomen. ‘Vóór deze wijziging betaalden sommige buitenlandse beleggers geen belasting over winsten uit Nederlands vastgoed, wat niet in lijn was met de wetgeving. Nu zijn zij belastingplichtig voor de Nederlandse vennootschapsbelasting.’
Desondanks kunnen buitenlandse pensioenfondsen nog steeds fiscaal aantrekkelijk investeren in Nederlands vastgoed als zij vergelijkbaar zijn met Nederlandse fondsen. ‘Zij genieten dan dezelfde vrijstellingen van vennootschapsbelasting als binnenlandse pensioenfondsen.’
Gebrek aan zekerheid
De minister erkent dat het verkrijgen van een subjectieve vrijstelling voor de vennootschapsbelasting voor buitenlandse pensioenfondsen ingewikkeld kan zijn. De voorwaarde is dat het fonds een pensioenregeling aanbiedt die vergelijkbaar is met een Nederlandse regeling. Dit kan problematisch zijn, omdat buitenlandse pensioenregelingen vaak niet exact overeenkomen. Hierdoor melden sectorvertegenwoordigers dat het gebrek aan duidelijkheid over de vrijstelling investeringen kan uitstellen.
Effect vooral op commercieel vastgoed
Het kabinet geeft aan dat het dichten van belastinglekkages betekent dat partijen die voorheen via een fbi investeerden, met ingang van 1 januari 2025 regulier vennootschapsbelastingplichtig worden. Dit resulteert in een hogere belastingdruk. De vastgoedsector wijst op het feit dat deze maatregelen het voor buitenlandse investeerders minder aantrekkelijk maken om in Nederlandse huurwoningen te investeren. Het is echter belangrijk op te merken dat buitenlandse beleggers vooral actief waren in commercieel vastgoed.
Geen apart regime, geen lagere btw
De minister geeft aan dat er geen eenvoudige oplossingen zijn voor het afschrikken van buitenlandse investeerders. ‘Een terugdraaiing van de fbi-wijzigingen zou buitenlandse investeerders opnieuw belastingontwijking kunnen toestaan, wat niet evenwichtig is.’ Een apart fiscaal regime voor vastgoedinvesteerders zou juridische complicaties met zich meebrengen.
Boekholt staat ook niet open voor een verlaagd btw-tarief op nieuwbouw. ‘Een verlaging heeft alleen effect bij een directe, btw-belaste levering van een nieuwe woning door de bouwer. Bij andere constructies kan een verlaagd tarief vaak maar beperkt worden toegepast. Het is onzeker of ondernemers een btw-verlaging zullen doorberekenen, wat het langetermijneffect op de woningprijzen beïnvloedt.’