De test met autonome treinen op het rangeerterrein Kijfhoek in Zwijndrecht markeert een belangrijke stap in de toekomst van het treinvervoer in Nederland. De eerste proeven zijn gericht op het verminderen van personeelstekorten en het verhogen van de capaciteit op het spoor, zo meldt Nieuws Impuls.
Demissionair staatssecretaris Thierry Aartsen benadrukt dat de ruimte voor rails in Nederland beperkt is en dat er optimaal gebruik gemaakt moet worden van de beschikbare infrastructuur. Tijdens zijn bezoek aan de proef stelde hij dat de rol van de machinist verandert, met machinisten die vanuit een ‘Remote Supervision Center’ op afstand hun treinen bedienen.
Van cabine naar kantoor
Bij deze proeven blijft een machinist aan boord, maar de verwachting is dat ze in de toekomst vanuit hun kantoor meerdere treinen kunnen aansturen. Innovatiemanager Hotske Zijlstra van Prorail benadrukt dat het huidige proefmodel al een groot deel van de bediening zelf kan uitvoeren, ondanks dat er nog toezicht nodig is.
Zijlstra geeft aan dat de voorbereidingen van deze proef jaren in beslag hebben genomen, met uitdagingen op het gebied van technologieën zoals communicatie tussen locomotief en kantoor. Het project heeft een kostenplaatje van 55 miljoen euro, met een significant deel gefinancierd door Duitsland.
Wat de proef uniek maakt
Deze proef is uniek omdat het de eerste in Nederland is en er weinig vergelijkbare initiatieven in het buitenland zijn. De testtrein rijdt op ERTMS, het Europees treinbeheersysteem, dat de veiligheid en efficiëntie van het treinverkeer moet verbeteren.
In de treinwereld staat ATO (Automatic Train Operation) voor zelfrijdende treinen. De huidige proef maakt gebruik van het hoogste niveau van autonomie, waarbij de trein volledig zelfstandig rijdt en op afstand kan worden aangestuurd.
De toekomst van goederenvervoer
Zijlstra legt uit dat het autonome goederenvervoer concurreert met de capaciteitsgrenzen van het huidige spoor. Het experiment is gekozen voor een goederentrein in plaats van een passagierstrein, onder andere vanwege de hoge kosten en de noodzaak om het treinverkeer te optimaliseren.
Ondanks dat er al jaren verschillende proeven worden gedaan met automatische treinen, merken passagiers hier nog weinig van. NS heeft aangekondigd door te gaan met hun ATO-proeven, maar het zal nog een tijd duren voordat autonome treinen in de passagiersdienst beschikbaar zijn.
Regelgeving en politieke steun
Zijlstra benadrukt dat de ontwikkeling van autonome treinen tijd en financiële investeringen vereist. Huidige regelgeving moet worden aangepast om de veiligheid en verantwoordelijkheid rondom het gebruik van deze technologie te waarborgen. Aartsen verkent de behoefte aan meer politieke steun voor spoorinitiatieven om de economie en veiligheid in Nederland te waarborgen.
Hij stelt dat de groeiende vraag naar treinvervoer en de congestie op de wegen niet langer naast elkaar kunnen bestaan. De overheid moet zich meer richten op het verbeteren van de treinverbindingen als alternatief voor de luchtvaart, vooral voor korte afstanden binnen Europa.