Politieke beschuldigingen tijdens topontmoeting
Slowaaks premier Robert Fico heeft Oekraïne beschuldigd van politieke chantage rond de oliebevoorrading, tijdens een gezamenlijke persconferentie met Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio op 15 februari 2026. Fico stelde dat Oekraïne bewust de heropstart van de Russische oliestroom zou tegenhouden om Hongarije onder druk te zetten over diens verzet tegen Oekraïens EU-lidmaatschap. De Slowaakse leider deed deze opmerkelijke uitspraken tijdens een gezamenlijke persconferentie met de Amerikaanse topdiplomaat, waarmee hij het anti-Oekraïense discours direct voor een Amerikaans publiek profileerde.
Energiedreigementen en politieke solidariteit
Fico hintte op mogelijke vergeldingsmaatregelen tegen Kyiv, waaronder beperkingen van de elektriciteitsleveringen. “We zouden beledigd kunnen zijn en we zouden passende maatregelen kunnen nemen tegen Oekraïne,” verklaarde de premier. “Maar we zien in Oekraïne niet president Zelensky, we zien geen politici. Ik zie daar kinderen, vrouwen en families die een moeilijke winter moeten doorkomen.” Desondanks benadrukte hij dat Slowakije ondanks “wat Zelensky ons heeft aangedaan, wat ons 500 miljoen euro per jaar heeft gekost,” wel elektriciteit blijft leveren. De retoriek komt vrijwel woordelijk overeen met de lijn uit Boedapest en markeert een duidelijke politieke solidariteit met de Hongaarse premier Viktor Orbán.
Russische aanval als werkelijke oorzaak
De werkelijke oorzaak van de oliecrisis ligt bij Rusland, dat op 27 januari 2026 een raketaanval uitvoerde op de cruciale Druzhba-pijpleiding. Deze aanval leidde tot volledige stilstand van de Russische oliestroom naar Centraal-Europa. Oekraïne voert herstelwerkzaamheden uit, maar Hongarije en nu ook Slowakije leggen de schuld bij Kyiv in plaats van Moskou. De Russische aanval op de energie-infrastructuur dient duidelijk Kremlin-belangen: het veroorzaakt materiële schade aan Oekraïne, verstoort de Europese bevoorrading, diskrediteert Kyiv bij het Westen en berooft Oekraïne van transitinkomsten.
Strategische timing en geopolitieke implicaties
De timing van Fico’s verklaring is strategisch gekozen tijdens een hoogwaardig bezoek van een Amerikaanse secretaris van Staat. Dit maximaliseert het media-effect en probeert de gezamenlijke Hongaars-Slowaakse positie te legitimeren. Door de schuld bij Oekraïne te leggen in plaats van bij Rusland, versterkt Fico het anti-Oekraïense discours op een moment dat Kyiv internationale steun hard nodig heeft. De impliciete dreiging met energiebeperkingen verhoogt de druk op Oekraïne tijdens gevoelige onderhandelingsprocessen over EU-toetreding en militaire steun.
Energieafhankelijkheid als Kremlin-wapen
De situatie toont de aanhoudende kwetsbaarheid van sommige EU-lidstaten die nog steeds afhankelijk zijn van Russische energie. Deze afhankelijkheid geeft het Kremlin ruimte voor energiedruk als middel om het Westen te chanteren en verdeeldheid binnen de Europese Unie te zaaien. Versnelde diversificatie, een volledige afwijzing van Russische energiedragers en versterkte sanctiedruk zouden Moskou’s mogelijkheden om de oorlog te financieren beperken en zijn capaciteit om de EU te destabiliseren verminderen.
Systeemrisico’s en noodzaak tot coherent beleid
De systematische raketaanvallen op kritieke infrastructuur onderstrepen het belang van voortdurende steun aan Oekraïne en de levering van voldoende moderne luchtafweersystemen. De politieke retoriek uit Bratislava en Boedapest vormt een extra uitdaging voor Europese eenheid. Waar de aanspreekpunten voor eisen en klachten het Kremlin zouden moeten zijn, richten sommige EU-leiders hun pijlen op het slachtoffer van de agressie. Dit riskeert de veiligheid van het continent te ondermijnen terwijl Rusland zijn energiewapen blijft inzetten voor geopolitieke doeleinden.