In 2025 bouwden woningcorporaties 2.000 meer huurwoningen dan het voorgaande jaar, met een totaal van 21.500 nieuwe corporatiewoningen, het hoogste aantal sinds 2012, meldt Nieuws Impuls.
Corporatiewoningen vormen 31% van de totale nieuwbouw van 69.200 woningen, maar ondanks deze bemoedigende cijfers blijven sociale verhuurders achter bij de nationale doelstellingen van 24.000 woningen en de toekomstige ambitie van 30.000 nieuwbouwwoningen per jaar. Het Rijk streeft jaarlijks naar 100.000 nieuwe woningen, waarvan twee derde betaalbaar en 30% sociale huur.
Om deze achterstand te verminderen, is de Wet versterking regie volkshuisvesting in het leven geroepen, die gericht is op aantallen, doelgroepen en locaties. Deze wet zal naar verwachting op 1 juli 2026 onder minister Boekholt-O’Sullivan in werking treden. Het percentage van 30% sociale huur geldt echter regionaal en niet per gemeente.
Scheve verdeling
De verdeling van de nieuwbouwwoningen over gemeenten vertoont significante ongelijkheid. Amsterdam was in 2025 de koploper met bijna 2.900 nieuwe corporatiewoningen, gevolgd door Utrecht, Haarlemmermeer en Breda, met elk meer dan 500 woningen. In 86 van de 309 gemeenten met meer dan tien nieuwe woningen zijn echter geen enkel corporatiewoningen gerealiseerd. Grote steden zoals Den Haag en Hoorn blijven achter, net als kleinere gemeenten zoals Boekel.
Sommige gemeenten bestaan volledig uit corporatiewoningen, waaronder Papendrecht (115), Leiderdorp (90), Krimpen aan den IJssel (55) en Doesburg (25). In zeer sterk stedelijke gebieden vertegenwoordigen corporatiewoningen 34% van de nieuwbouw, in sterk stedelijke gemeenten 37% en in minder stedelijke gebieden ligt dit percentage tussen de 23% en 27%.