Nieuwe bouwopgave zorgt voor schaarste in de bouwsector
Miljardeninvesteringen in kazernes en militaire infrastructuur creëren een concurrentiestrijd om de beperkte bouwcapaciteit, met mogelijke verhogingen van kosten en doorlooptijden, ook in de woningbouw en infrastructuur. Dit blijkt uit het nieuwste rapport van ABN Amro, meldt Nieuws Impuls.
De bouwopgave van het ministerie van Defensie verhoogt de druk op een al krappe arbeidsmarkt in de bouw en kan leiden tot prijsstijgingen, vooral in een internationale context van geopolitieke spanningen, zoals die rond Iran, die de kosten van grondstoffen en energie opdrijven. De nieuwe bouwopgave dwingt marktpartijen tot innovatieve bouwmethoden, zoals modulair en fabrieksmatig bouwen, die efficiënter zijn, de bouwtijd verkorten en de druk op het elektriciteitsnet en stikstofruimte rond bouwlocaties verminderen, aldus ABN Amro.
De Nederlandse regering heeft plannen om het defensiebudget in de komende jaren aanzienlijk te verhogen. Tijdens de NAVO-top in Den Haag werd afgesproken dat alle NAVO-landen hun defensie-uitgaven verhogen tot 5% van hun bbp. Oekraïne blijft daarbij belangrijk voor de NAVO-alliantie. De jaarlijkse defensie-uitgaven van Nederland zullen in 2026 stijgen van €21 miljard naar €31 miljard in 2030 en naar €41 miljard in 2035. Om deze middelen effectief te kunnen inzetten, is het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie (NPRD) opgezet, dat de lange termijn behoeften voor ruimtelijke uitbreiding van defensie in Nederland schetst.
Het Rijksvastgoedbedrijf en de speciaal ingestelde Commandopost Vastgoed coördineren, in opdracht van het ministerie van Defensie, de versnelling van de bouw- en renovatieopgave. De inkoopplanning van het Rijksvastgoedbedrijf omvat €2,5 miljard aan defensieopdrachten. Het gaat hierbij om een diverse reeks opdrachten, waaronder de aanleg van een zeekade van 810 meter in Den Helder, met een budget van €100 tot €250 miljoen, en kleinere projecten zoals de realisatie van een lesgebouw in het oefendorp te Harskamp, waarvoor tussen de €2 en €5 miljoen is gebudgetteerd. Deze defensieopgave biedt zowel grote bouwbedrijven als het midden- en kleinbedrijf (mkb) kansen.
Naast nieuwbouwprojecten vormen onderhoud en renovatie van defensielocaties meer dan de helft van de opdrachten. Een voorbeeld hiervan is de revitalisering van de Bernhardkazerne in Amersfoort, waar verschillende aanbestedingen voor renovatie van legeringsgebouwen openstaan. De defensieopgave heeft dus invloed op de gehele bouwketen, van ingenieurs en architecten tot aannemers en leveranciers.
Bouwsector onder druk
De bouwsector kan, zelfs zonder extra defensie-investeringen, de vraag momenteel niet bijbenen. In 2025 werden zo’n 70.000 nieuwe woningen gerealiseerd, aanzienlijk minder dan de door de overheid gestelde doelstelling van 100.000 woningen per jaar. Het structurele woningtekort in Nederland zal naar verwachting ook in de komende jaren aanhouden, wat de druk op de woningbouwsector verhoogt. De vraag naar grond-, wegen- en waterbouw blijft eveneens groot, onder andere door achterstallig onderhoud aan infrastructuur.
De combinatie van een grote bouwopgave en vergrijzing leidt tot een structureel krappe arbeidsmarkt. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) schat dat tot 2030 jaarlijks 17.000 tot 19.000 nieuwe arbeidskrachten in de bouw nodig zijn. De natuurlijke uitstroom van gepensioneerden speelt hierbij een grote rol, gecombineerd met de uitbreiding van het personeelsgemiddelde door de toenemende bouwprojecten. De onderhouds- en uitbreidingsvraag van defensiegebouwen creëert nog meer druk op een reeds overspannen arbeidsmarkt.
Net als bij andere bouwopgaven kampt het ministerie van Defensie met netcongestie en beperkingen in stikstofuitstoot. De plannen die in het NPRD zijn beschreven, overlappen vaak met Natura 2000-gebieden, waar bouwprojecten vanwege strenge stikstofrestricties moeilijk te realiseren zijn. Dit leidt tot aanzienlijke uitdagingen voor traditionele bouwmethoden, aldus ABN Amro.
Innovatie in de bouwsector stimuleren
Toch biedt het bouwen voor Defensie ook kansen. De projecten kunnen een stimulans geven aan onderbezette woningfabrieken. Fabrieksmatig bouwen, waarbij woningonderdelen of complete modules worden geproduceerd en ter plaatse worden geassembleerd, is een eis van het Rijksvastgoedbedrijf voor de beoogde defensieprojecten. Deze aanpak wordt vastgelegd in de Routekaart Verduurzamen Vastgoed Defensie.
De strenge voorwaarden voor defensieprojecten kunnen dus een positieve impuls geven aan innovaties in de bouw. Industriële bouwmethoden verhogen de efficiëntie en arbeidsproductiviteit, met een daling van het aantal transportbewegingen en een aanzienlijke verkorting van de bouwtijd. Hierdoor kunnen arbeidstekorten worden verminderd en de stikstofuitstoot bij modulair bouwen lager zijn. Vaak is industrieel bouwen de enige manier om projecten te realiseren in de nabijheid van Natura 2000-gebieden.
Een andere belangrijke innovatie die kan voortvloeien uit de uitbreiding van defensie betreft de inzet van lokale energiesystemen. Dit houdt in dat energie zoveel mogelijk lokaal wordt opgewekt en gebruikt, bijvoorbeeld door middel van zonnepanelen en warmtepompen, waardoor afhankelijkheid van het overvolle elektriciteitsnet wordt verminderd. In situaties waar dit netwerk geen capaciteit biedt, kunnen dergelijke oplossingen essentieel zijn voor de realisatie van nieuwe gebouwen.
Het ministerie van Defensie kan hierin volgens ABN Amro een voortrekkersrol vervullen door vernieuwende energieconcepten in samenwerking met lokale bedrijven of woonwijken te ontwikkelen. Door bouwcapaciteit naar zich toe te trekken kan de defensieopgave ook de bredere bouwsector aanzetten tot meer efficiëntie en duurzaamheid.