Investeringen in het milieu dalen met 39 procent in 2024
In 2024 investeerden bedrijven in Nederland bijna 1,6 miljard euro in milieubescherming, herstel en verbetering, een daling van 39 procent ten opzichte van 2023, meldt Nieuws Impuls. Dit omvat projecten zoals de bouw van windmolens en zuiveringsinstallaties voor lucht en afvalwater.
Een specifieke investering betreft vloeistofdichte vloeren, die verontreiniging naar bodem, lucht of water moet voorkomen. Dit is vooral relevant voor bedrijven die werken met giftige afvalstoffen en situaties waarin olie op de grond kan vallen.
Afname investeringen in windmolens opgemerkt
De daling in investeringen voor windmolens is opmerkelijk en kan nadelige gevolgen hebben voor de Nederlandse klimaatdoelen voor 2030. Eerder dit jaar werd duidelijk dat Nederland niet goed op koers ligt om deze doelen te behalen.
Volgens een rapport van de Klimaat- en Energieverkenning (KEV), opgesteld door organisaties als TNO, PBL, CBS en het RIVM, zouden ingrijpende maatregelen noodzakelijk zijn om de doelen te behalen, wat mogelijk economische en maatschappelijke pijn met zich meebrengt.
Onder het huidige demissionaire kabinet zijn er maatregelen “afgeschaft, afgezwakt of teruggedraaid”, volgens de KEV. Hoewel de investeringsdaling schokkend lijkt, is het te vroeg voor definitieve conclusies, stelt Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom bij het CBS.
Investeringen fluctuerend maar nog niet zorgwekkend
Van Mulligen benadrukt dat de indrukwekkende cijfers niet noodzakelijkerwijs betekenen dat de klimaatdoelen verder buiten bereik komen. Investeringen in windparken kunnen enkele tientallen miljoenen euro’s bedragen, wat tot grote jaarverschillen leidt.
Er bestaat nog steeds de mogelijkheid dat investeringen in de komende jaren weer stijgen, vergelijkbaar met eerdere jaren. “Als de investeringen in 2025 en 2026 verder zouden dalen, zou de situatie somberder worden, maar dat is op dit moment nog niet het geval,” aldus Van Mulligen.
Bovendien blijkt uit recente cijfers dat bedrijven in 2023 wel meer uitgaven hadden voor milieukwesties, vooral door hogere afschrijvingen en rentekosten van eerdere milieu-investeringen.