Gemeente Veere Controleert Volksstuinen op PFAS
In de Zeeuwse gemeente Veere worden binnenkort alle volkstuinen preventief gecontroleerd op PFAS. Deze beslissing volgt op de recente metingen die verhoogde PFAS-waarden aantoonde op verschillende locaties binnen een volkstuinencomplex in Koudekerke, meldt Nieuws Impuls.
Uit metingen bleek dat zes locaties binnen het complex in een zogeheten rode zone vallen. De GGD heeft de tuinders aangeraden om niet dagelijks hun zelfgeproduceerde groenten te consumeren. Ondanks de hoge metingen werd geconcludeerd dat de gemeten PFAS-concentraties geen onmiddellijk gevaar opleveren.
De ontdekking leidde tot het besluit van de gemeente Veere, waar Koudekerke onder valt, om alle volkstuinen in de gemeente te controleren op PFAS-niveaus.
Wethouder John de Jonge verklaart: “We hebben tegen onze verwachtingen in verhoogde PFAS-waarden gemeten in Koudekerke, dus willen we nu zekerheid krijgen door alle overige tuinen te controleren,” aldus de wethouder.
Verrassende Resultaten
De hogere PFAS-waarden in Koudekerke zijn een verrassing voor de gemeente. “We weten dat hoe dichter bij de kust, hoe groter de kans op PFAS in de bodem door seaspray, dat zijn druppeltjes die vanuit de zee op het land terechtkomen,” legt De Jonge uit.
In Westkapelle waren eerder verhoogde PFAS-waarden geconstateerd, maar Koudekerke ligt verder van de kust, wat deze resultaten onverwacht maakt. De oorzaak van de hogere waarden in Koudekerke lijkt niet gerelateerd aan seaspray.
De gemeente vermoedt dat het transport van grond, die tot veertig jaar geleden werd gebruikt voor terreinverhoging, misschien verantwoordelijk is voor de verhoogde PFAS-concentraties in Koudekerke. “Deze grond kan ook naar andere delen binnen de gemeente zijn verplaatst, daarom vinden we het van belang om de rest ook te laten controleren,” voegt De Jonge toe.
Grondig Onderzoek in aantocht
Afgelopen avond zijn in een besloten vergadering alle tuinbezitters in de gemeente geïnformeerd. De gemeente verwacht binnen een tot twee maanden de resultaten van de metingen bekend te maken. “We willen dit onderzoek grondig uitvoeren, dus dat vraagt wat tijd. Maar we willen zo snel mogelijk helderheid,” aldus De Jonge.