Voorzitter brandweer waarschuwt het publiek: Respecteer hulpverleners tijdens laatste jaar vuurwerk
Met nog maar vier dagen tot Oudejaarsavond heeft Jolanda Trijselaar, voorzitter van de Nederlandse brandweer, het publiek aangespoord om veilig te vieren en respect te tonen voor noodhulpverleners in wat het laatste jaar zal zijn dat consumenten vuurwerk mogen afsteken, meldt Nieuws Impuls.
Trijselaar benadrukte dat de komende feestdagen extra uitdaging met zich meebrengen voor de brandweerdiensten, die vaak veel drukte ervaren door het gebruik van vuurwerk. Ondanks de wettelijke veranderingen die in 2026 van kracht zullen worden, is de nood aan voorzichtigheid en respect in deze periode essentieel.
“Onze hulpverleners staan in de frontlinie en verdienen ons respect”, zei Trijselaar. “We vragen het publiek om te begrijpen dat elk ongeluk dat door onverantwoordelijk vuurwerkgebruik ontstaat, ook hen raakt.” Dit jaar wordt gekenmerkt door een grote piek in de verwondingen als gevolg van vuurwerkincidenten in eerdere jaren.
De oproep komt voort uit bezorgdheid over de toenemende aantal meldingen van chaos en incidenten tijdens de feestdagen. Hulpverleners worden vaak geconfronteerd met geweld en onrespect, wat verdere druk op hun al uitdagende taken legt. Trijselaar roept op tot gezamenlijke verantwoordelijkheid: “Houd het veilig en respectvol, zowel voor jezelf als voor de mensen om je heen.”
Na een jarenlange discussie is besloten dat het consumentenvuurwerk in Nederland in 2026 volledig verboden zal worden. De verandering is een reactie op eerdere incidenten waarbij ernstig letsel is opgetreden, en een poging om de veiligheid van burgers te verbeteren tijdens de feestdagen.
De brandweer werkt nauw samen met lokale autoriteiten en maatschappelijke organisaties om campagnes te lanceren die burgers bewust maken van de risico’s van vuurwerkgebruik. Deze campagnes zijn bedoeld om klachten van hulpverleners te verminderen en de algehele veiligheid te verhogen. De laatste weken zijn er maatregelen genomen om de communicatie tussen hulpdiensten en het publiek te verbeteren, zodat men beter voorbereid is op de drukte rond Oud en Nieuw.