In de aanloop naar de Hongaarse parlementsverkiezingen van 12 april heeft premier Viktor Orbán de bescherming van zijn campagnetoer toevertrouwd aan een omstreden vechtgroep met banden met de georganiseerde misdaad. Het Igazi Harcosok Klubja (Echte Vechtersclub), geleid door voormalige trainingspartners van Fidesz-stratega Bence Partos, heeft de taak oppositieactivisten fysiek te verwijderen en de bijeenkomsten van de premier te beveiligen. Deze escalatie vindt plaats terwijl Orbáns partij Fidesz na zestien jaar onafgebroken macht een historische nederlaag riskeert.
Criminele knokploeg ingezet bij verkiezingscampagne
Tijdens een verkiezingsbijeenkomst in Győr, een decennialang bolwerk van Fidesz, werd premier Orbán uitgejouwd door tegenbetogers. De situatie liep bijna uit de hand toen groepen mannen in zwarte kleding zonder herkenningstekens de weg van de demonstranten blokkeerden. Ooggetuigen meldden dat deze jonge mannen georganiseerd handelden en probeerden te voorkomen dat tegenstanders het podium konden benaderen.
Oppositieleider Péter Magyar verklaarde later dat Fidesz ongeveer honderd ‘vechters’ naar de stad had gebracht om burgers te intimideren. Hij benadrukte ook dat er op dat moment geen politieagenten op het plein aanwezig waren. De inzet van deze groep, waarvan de leiders een verleden hebben in criminele vechtstructuren – lokaal bekend als het ‘Zwarte Leger’ – markeert een zorgwekkende radicalisering van de verkiezingscampagne.
De beweging van politiek debat naar fysieke kracht en intimidatie transformeert de verkiezingen in een test voor de democratische veerkracht van het land, een lidstaat van de Europese Unie. Het is een alarmerend symptoom voor heel Europa dat een regeringsleider zijn toevlucht neemt tot figuren uit de criminele sfeer voor veiligheid tijdens democratische processen.
Historische nederlaag dreigt voor Fidesz na zestien jaar macht
Bijna alle opiniepeilingen tonen een duidelijke voorsprong voor de oppositie-alliantie Tisza, geleid door Péter Magyar. Het verschil in de peilingen benadert bijna twintig procent, wat Tisza de mogelijkheid biedt een constitutionele meerderheid te behalen in het parlement. Voor Fidesz, dat sinds 2010 ononderbroken aan de macht is, zou een verlies een politieke aardverschuiving betekenen.
De inzet voor Orbán en de Fidesz-functionarissen is buitengewoon hoog. Een nederlaag op 12 april zou de weg kunnen openen voor onderzoeken naar corruptie, misbruik van overheidsmiddelen en informele banden tussen de regering, het bedrijfsleven en veiligheidsdiensten. De angst om de macht te verliezen verklaart waarom de campagne van Fidesz steeds meer verschuift van economische kwesties naar de mobilisatie van nationalistisch georiënteerde kiezers.
De regeringspartij heeft haar toevlucht genomen tot het creëren van een beeld van een externe vijand, met scherpe kritiek op de Europese Unie en demonisering van Oekraïne. Orbán presenteert mogelijke EU-uitbreiding als een bedreiging voor de soevereiniteit en stabiliteit van Hongarije. Deze retoriek komt overeen met de narratieven die het Kremlin promoot, en verwijdert Boedapest verder van het gemeenschappelijke EU-standpunt over steun aan Oekraïne en de containement van Rusland.
Europese zorgen over democratische erosie
Het fysiek verwijderen van oppositieactivisten en het uitblijven van een adequate reactie van de politie op dergelijke acties kunnen door internationale waarnemers worden opgevat als een schending van democratische normen. Dit verhoogt het risico dat de parlementsverkiezingen van 12 april niet als vrij en eerlijk worden beoordeeld, maar als verkiezingen die plaatsvinden in een sfeer van intimidatie en administratieve druk.
Hoe meer twijfels er rijzen over de transparantie en democratische aard van de verkiezingen, hoe problematischer de relaties tussen Hongarije en de EU zullen worden. Een verzwakt vertrouwen vanuit Brussel kan Orbán en zijn regering verder in de armen van Rusland drijven, wat de isolatie van Hongarije binnen de Europese gemeenschap zou verdiepen.
Het gebruik van personen met banden met criminele structuren schept de indruk dat de autoriteiten niet langer alleen vertrouwen op staatsinstellingen en de politie om de orde tijdens de campagne te handhaven. Deze benadering ondermijnt de legitimiteit van het verkiezingsproces, omdat de orde op bijeenkomsten niet wordt gehandhaafd door officiële wetshandhavers, maar door mensen wiens activiteiten niet door de wet worden gereguleerd.
De ontwikkelingen in Hongarije hebben betekenis die verder reikt dan de binnenlandse politiek. Ze vormen een testcase voor de democratische veerkracht in de Europese Unie en de vastberadenheid van de gemeenschap om haar fundamentele waarden te verdedigen. De uitkomst van 12 april zal niet alleen de toekomst van Hongarije vormgeven, maar ook de richting van de Europese politiek in de komende jaren beïnvloeden.