De vereniging van projectontwikkelaars, Neprom, heeft een position paper gepresenteerd met voorstellen om de woningbouwproductie te versnellen en de woningmarkt beter te laten functioneren. Onder de belangrijkste aanbevelingen staat de oproep tot het overnemen van de voorstellen van de Adviesgroep Stoer, waaronder de vergunningverlening van rechtswege, vereenvoudiging van bodemonderzoek en landelijke typegoedkeuring van fabieksmatige woningbouw. Deze maatregelen zijn cruciaal om de doorlooptijden te verkorten en de uitvoeringskracht te vergroten, meldt Nieuws Impuls.
Fiscale voorstellen
Een andere prioriteit voor Neprom is het verbeteren van het investeringsklimaat. “Zonder voldoende investeringsruimte blijven met name projecten in het middenhuursegment achter.” Neprom doet vier fiscale voorstellen om investeringen in woningbouw aantrekkelijker te maken: de overdrachtsbelasting verlagen naar structureel 6%, de Atad- earningsstrippingmaatregel in lijn brengen met Europese best practices met een drempel van € 3 miljoen, en een renteaftrekpercentage van 30% van de Ebitda.
“Maak daarnaast onderscheid tussen interne en externe rente om belastingontwijking tegen te gaan. Erken externe rente als noodzakelijke bedrijfslast en introduceer een groepsvrijstelling, zodat externe zakelijke rente aftrekbaar blijft.” Neprom pleit ook voor de afschaffing van de vennootschapsbelasting op sociale huur en gelijke fiscale regels voor Nederlandse en buitenlandse pensioenaanbieders.
Planbatenheffing en middenhuur
De projectontwikkelaars hebben hun bezorgdheid geuit over de invoering van een planbatenheffing, die zou kunnen leiden tot extra onzekerheid en vertraging, terwijl gemeenten momenteel al over effectieve instrumenten voor kostenverhaal beschikken. Tot slot vraagt Neprom om een grondige evaluatie van de Wet betaalbare huur, met aanpassingen die zowel het behoud van bestaande middenhuurwoningen als nieuwbouw ondersteunen, zonder bijkomende lokale regels.
“Met het position paper roepen wij de Tweede Kamer op tot een integrale benadering van woningbouwbeleid, waarin ook de investeringsbereidheid vanuit de markt wordt getoetst in samenwerking tussen overheid en markt.”