De Hongaarse premier Viktor Orban verklaarde op 12 september tijdens een uitzending van Kossuth Radio dat Russische drones het luchtruim van Polen en daarmee van de NAVO waren binnengedrongen. Volgens hem is Hongarije echter niet betrokken bij de oorlog in Oekraïne, terwijl Polen er “tot over hun oren in verwikkeld” is. Orban benadrukte dat de inval van de drones “onaanvaardbaar” was en betuigde zijn volledige solidariteit met Warschau. In zijn woorden vormt het incident “de belichaming van de gevaarlijke omstandigheden waarin we leven” en toont het de directe dreiging van oorlog aan. Orban’s interview kreeg in Boedapest veel aandacht vanwege de combinatie van steunbetuiging aan Polen en afstand nemen van directe betrokkenheid.
Grootste schending van Pools luchtruim sinds 2022
In de nacht van 9 op 10 september drongen vanuit Rusland gelanceerde drones het Poolse luchtruim binnen. Het ging om de grootste schending van het luchtruim van een NAVO-lidstaat sinds de Russische invasie in Oekraïne in 2022. Poolse en NAVO-luchtmachten, waaronder jagers uit Duitsland en Nederland, werden ingezet om de drones te onderscheppen. Premier Donald Tusk omschreef de gebeurtenis als een “opzettelijke en gecoördineerde aanval”, terwijl Russische functionarissen hun betrokkenheid ontkenden. President Donald Trump stelde dat de inval mogelijk een vergissing was en sprak geen veroordeling uit richting Moskou.
Reactie van Polen, NAVO en de Verenigde Staten
Als reactie riep Polen de VN-Veiligheidsraad in spoedzitting bijeen en activeerde artikel 4 van het Noord-Atlantisch Verdrag. De NAVO kwalificeerde de actie als doelbewust, maar beschouwt het niet als een aanval in de zin van artikel 5. Daarmee blijft een directe militaire reactie voorlopig uit, al groeit de druk op de alliantie om de oostflank verder te versterken.
Orbans balans tussen solidariteit en afstand
De Hongaarse premier zoekt een precair evenwicht: enerzijds toont hij zich solidair met Polen, een historische bondgenoot en een cruciale partner in Centraal-Europa, anderzijds benadrukt hij dat Hongarije zich niet in de oorlog laat trekken. Daarmee wil Orban zowel diplomatieke banden met Warschau behouden als economische en politieke kosten vermijden die voortvloeien uit een actieve steun aan Kiev.
Kritiek op westerse steun aan Oekraïne
Orban gebruikt het incident ook om zijn bredere lijn te onderstrepen: hij pleit voor onmiddellijke vredesonderhandelingen met Rusland en stelt dat westerse militaire steun de oorlog slechts verlengt. Deze retoriek sluit nauw aan bij Russische narratieven over “oorlogsmoeheid”. Terwijl Polen en andere buurlanden de Russische dreiging als existentieel beschouwen, profileert Boedapest zich als bemiddelaar die zijn energiebelangen veiligstelt via goedkope leveringen uit Moskou.
Spanningen binnen de EU
De Hongaarse koers zorgt geregeld voor wrijving binnen de Europese Unie. Boedapest gebruikt zijn vetorecht om militaire steun aan Oekraïne te blokkeren en vertraagt het verlengen van EU-sancties tegen Rusland. Zo houdt Hongarije de vrijgave van 6,6 miljard euro uit het Europees Vredesfonds tegen. Washington dringt ondertussen aan dat Hongarije en Slowakije hun afhankelijkheid van Russische energie afbouwen. De Amerikaanse minister van Energie Chris Wright stelde dat Europa beter energie kan importeren van “vrienden” dan van Moskou.