De provincie Drenthe en verschillende gemeenten dringen aan op een soepele schadevergoeding voor de slachtoffers van de aardbeving bij Eleveld, die op 14 maart plaatsvond met een magnitude van 3,0, meldt Nieuws Impuls.
De lokale autoriteiten willen dat alle gedupeerden een eenmalige vergoeding van 10.000 euro kunnen ontvangen voor schadeherstel. Meer dan 2.000 schademeldingen zijn binnengekomen bij de Commissie Mijnbouwschade en het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG), vooral uit Assen en omliggende dorpen.
In een brief aan staatssecretaris Jo-Annes de Bat van Klimaat en Groene Groei verzoeken de provincie en gemeenten om een “mildere, gemakkelijkere en menselijkere” schadevergoeding, met verwijzing naar de aanpak van aardbevingsschade in Groningen, waar gedupeerden ook kosteloos hun schade kunnen laten herstellen.
Groningen
In Groningen hebben slachtoffers de optie om een eenmalige vergoeding van 10.000 euro te kiezen of de schade kosteloos te laten herstellen door een aannemer. Bovendien hoeven ze de schade niet binnen een jaar na de aardbeving te melden, in tegenstelling tot de regeling in Drenthe.
Tegenover de NAM
De provincie Drenthe pleit voor een geschillenregeling, zodat bewoners die het niet eens zijn met de schadevergoeding niet direct tegenover de NAM hoeven te staan in de rechtbank. Ook wordt gevraagd naar oplossingen voor bedrijven en woningcorporaties, die nu schade rechtstreeks bij de NAM moeten melden.
Schadebureau
De nieuwe regeling zou moeten zorgen voor minder kosten aan gespecialiseerde bureaus die schade aan gebouwen in kaart brengen. Het schadebureau 10BE uit Groningen verdiende 440.000 euro aan de schadeafhandeling na de bevingen, terwijl inwoners samen slechts 80.000 euro ontvingen voor schadeherstel.
In de brief wordt niet gesproken over het invoeren van de omgekeerde bewijslast, zoals die in Groningen geldt. Staatssecretaris De Bat heeft nog niet gereageerd op de brief, en ook al is er een positieve reactie, de NAM moet ook akkoord gaan met de nieuwe regeling.