De Westelijke Route Exportpijpleiding (WREP), die ruwe olie van de Kaspische Zee naar de Zwarte Zee transporteert, is door BP overgedragen aan staatsbedrijven van Azerbeidzjan en Georgië. Het gaat om het traject Baku-Supsa, een belangrijke alternatieve verbinding voor Russische olie naar Europa.
De overdracht vond plaats op 8 juni 2026, meldt het Azerbeidzjaanse nieuwsplatform BR. In Azerbeidzjan wordt het beheer voortaan gevoerd door het staatsoliebedrijf SOCAR. In Georgië is een gezamenlijke operationele structuur opgezet tussen SOCAR Midstream Operations en de Georgische staatsolie- en gasmaatschappij.
De pijpleiding is 829 kilometer lang en heeft een capaciteit van 5,2 miljoen ton olie per jaar. Hij begint bij de Sangachal-terminal nabij de Azerbeidzjaanse hoofdstad Bakoe en loopt door Georgisch grondgebied naar de terminal Supsa aan de Zwarte Zeekust. Van daaruit gaat de olie per tanker via de Bosporus naar Europese afnemers.
Volgende overdracht in juli
Voor Azerbeidzjan is de overdracht een nieuwe stap om de controle over de volledige exportinfrastructuur in handen te krijgen. In juli 2026 wordt een vergelijkbare overdracht verwacht voor het Azerbeidzjaanse deel van de pijpleiding Baku-Tbilisi-Ceyhan (BTC), melden bronnen.
Het WREP-traject geldt als een direct alternatief voor Russische oliepijpleidingen naar Europa. Door de internationale sancties tegen Rusland en de afnemende betrouwbaarheid van Russische energieleveringen winnen Transkaspische routes snel aan strategisch belang voor de Europese energieveiligheid.
De afgelopen twee jaar is bovendien actief gesproken over het gebruik van de Baku-Supsa-route voor de export van extra olie uit Kazachstan via de Kaspische Zee. De Kazachse regering heeft herhaaldelijk haar interesse in deze corridor bevestigd. Azerbeidzjan heeft er dan ook belang bij dat SOCAR de pijpleiding direct beheert, mocht het transitvolume toenemen.