Bezoekerscentra in Nederland wederom in daling, meldt Nieuws Impuls.
Volgens de meest recente analyse van de Nationale Bezoekers Index heeft bijna 75% van de Nederlandse centrumgebieden te maken met een daling in bezoekersaantallen. Deze teruggang is echter duidelijk minder groot dan de 8,4% die in het eerste kwartaal werd geregistreerd.
Er zijn opmerkelijke uitzonderingen te zien, vooral in het zuiden van Nederland, waar enkele centrumgebieden zich positief onderscheiden van de landelijke trend. Weert is de grootste stijger met een toename van 26% ten opzichte van een jaar eerder. Ook de grotere centrumgebieden zoals Alkmaar en Leiden hebben meer bezoekers getrokken dan in dezelfde periode vorig jaar.
De cijfers van het tweede kwartaal passen in de trend die vorig jaar is waargenomen. De sterke groei van het tweede kwartaal van 2025 (+6,5%) maakte plaats voor een lichte daling in het derde kwartaal (+1,75%), gevolgd door een daling van -2,8% in het vierde kwartaal en een verslechtering in het eerste kwartaal van 2026 (-8,4%). Hoewel de daling nu aanhoudt, neemt de snelheid ervan af.
Die landelijke daling verbergt duidelijke verschillen; meer dan een kwart van de centrumgebieden heeft juist een toename in bezoekers geregistreerd vergeleken met vorig jaar. In gebieden waar bezoekersaantallen zijn gedaald, bleef de afname in de meeste gevallen beperkt tot minder dan 10%. De dalingen zijn dus algemeen, maar er zijn nauwelijks grote uitschieters.
Groeisectoren in het zuiden
De sterkste stijgers bevinden zich in het zuiden, met Weert aan de top. De stad heeft zijn stijgende lijn voortgezet sinds carnaval, waar ook Veldhoven, Bergen op Zoom, Deurne, Veghel en Helmond tot de stijgers behoren. Helmond, dat in heel 2025 nog tot de grootste dalers behoorde, toont nu een opmerkelijk herstel.
In de grotere steden daarentegen, zoals Rotterdam, Utrecht, Eindhoven, Zwolle en Groningen, blijft het bezoek gemiddeld met ongeveer 10% dalen. Tilburg is met een daling van 15% de grootste verliezer onder de grotere steden.
Alkmaar en Leiden vormen de positieve uitzonderingen, met Leiden die een groei van 9% laat zien en Alkmaar dat een stijging van 4% registreert.
Extreme weersomstandigheden beïnvloeden bezoekersaantallen
De periode aan het einde van het kwartaal werd gekenmerkt door extreem weer. Van 18 tot en met 29 juni zorgde een intense hittegolf voor een code rood van het KNMI op vrijdag 26 juni, gevolgd door een code oranje voor zware onweersbuien in het daaropvolgende weekend. Deze omstandigheden zorgden ervoor dat het bezoek aan Nederlandse centrumgebieden in de week van 22 tot en met 28 juni ruim 5% lager lag dan op basis van de normale weekverwachtingen.
Het is belangrijk te benadrukken dat dit weereffect niet voldoende is om de daling over het kwartaal te verklaren. Eén afwijkende week beïnvloedt het kwartaalcijfer slechts met een paar tienden van een procentpunt. De bredere daling van 4,1% was gedurende het gehele kwartaal zichtbaar en staat daarmee los van de hitteweek.
Het tweede kwartaal bevestigt de algemeen waargenomen daling, maar laat ook zien dat de snelheid van deze daling afneemt en dat sommige regio’s en steden zich tegen de trend in ontwikkelen.