In Nederland wordt er momenteel veel geïnvesteerd in civieltechnische oplossingen om wateroverlast te bestrijden, zoals het dekanaliseren van rivieren en het verhogen van dijken, terwijl er 1800 hectare aan slootnatuur kan worden ontwikkeld, meldt Nieuws Impuls.
Reimar von Meding, directeur van KAW, stelt dat het versterken van biodiversiteit essentieel is, gebaseerd op een onderzoek dat KAW momenteel afrondt, getiteld Ruimte voor de Sloot. Hij benadrukt dat waterbeheer en wijkvernieuwing hand in hand kunnen gaan. ‘Van dijken naar wijken’, aldus Von Meding, waarbij hij waterschappen in Nederland oproept om proactief te zijn. Hij merkt op dat waterbergingscapaciteit op het platteland afneemt door het dichtgooien van sloten door boeren, maar dat wijkvernieuwing een kans biedt om dit probleem aan te pakken.
Stenen offeren
Von Meding beschrijft de resultaten van het Ruimte voor de Sloot-onderzoek als verrassend. ‘Door verouderde naoorlogse wijken aan te pakken en circa 800.000 nieuwe woningen te realiseren, kunnen we tegelijkertijd 1800 hectare aan slootnatuur aan de stad toevoegen. Dit verhoogt de waterbergingscapaciteit en komt de biodiversiteit ten goede. Hiervoor moeten asfalt en beton opgeofferd worden,’ zegt hij.
Daarnaast biedt de energietransitie de mogelijkheid om op een slimmere manier met water om te gaan, stelt Von Meding. ‘Om aan klimaatdoelstellingen te voldoen, kunnen we geen traditionele isolatiematerialen die CO2 uitstoten, gebruiken. Biobased producten kunnen echter wel helpen, met gewassen die lokaal worden verbouwd en CO2 opslaan. Dit versterkt niet alleen de landbouwtransitie, maar houdt ook de grondwaterstanden op peil, wat cruciaal is voor waterschappen,’ voegt hij eraan toe.
Hoop geld besparen
Von Meding, die met KAW integreert en zich richt op duurzame oplossingen, somt de voordelen op. ‘Door steden te verdichten met betaalbare, CO2-neutrale woningen en tegelijkertijd groen en water toe te voegen, verbeteren we de leefomgeving en beperken we de noodzaak voor civieltechnische ingrepen in de toekomst.’ Hij wijst erop dat investeringen in waterbuffering en dijkversterkingen veel geld kosten, terwijl een deel van deze middelen beter kan worden gebruikt om toekomstige problemen te voorkomen.
Vlaardingen
Het denken van het Ruimte voor de Sloot-onderzoek wordt al toegepast in het wijkvernieuwingsproject in de MUWI1-buurt in Vlaardingen. ‘Ondanks verdichting kunnen we het aandeel verharding substantieel verlagen door extra slootnatuur te creëren,’ merkt Von Meding op. Hierdoor kan de bestaande waterafvoercapaciteit behouden blijven.
‘In ons onderzoek hebben we geconstateerd dat voor elke 100 extra woningen gemiddeld 4000 vierkante meter nieuwe slootnatuur kan worden gerealiseerd. Dit betekent dat de bestaande stad in totaal ruimte biedt voor 1800 hectare aan nieuwe slootnatuur,’ concludeert hij.
Achter parkeren
In MUWI1 worden bewoners aangemoedigd om hun auto’s achter hun huizen te parkeren. Dit betekent dat brede straten voor waterinfiltratie worden omgevormd tot groene zones. De traditionele sloten worden biotopen die niet alleen water kunnen bergen, maar ook biodiversiteit kunnen ondersteunen. Neerslagpieken worden opgevangen met een systeem van retentie en infiltratie.
KAW’s ontwerp voor stadsloten is radicaal anders dan traditionele versies. ‘Onze slotsystemen zijn ruimer en kunnen meer water absorberen tijdens zware regenval. Dit creëert leefgebieden voor amfibieën en bieden ruimte voor flora en fauna die onder druk staan,’ aldus Von Meding. Hij benadrukt dat deze nieuwe groene ruimtes kunnen worden verbonden, waardoor een uitgebreide stadszone ontstaat waar inwoners doorheen kunnen wandelen of fietsen zonder verkeersdrukte.