In de nacht van 5 januari 2026 heeft Rusland een gecombineerde luchtaanval uitgevoerd op Oekraïne, waarbij 165 aanvalsdrones en negen ballistische Iskander-M-raketten en luchtafweerraketten van het type S-300 zijn ingezet. Op tien locaties werden directe inslagen geregistreerd van ballistische of geleide raketten en 26 aanvalsdrones, terwijl op negen andere locaties brokstukken van neergehaalde doelen neerkwamen. De aanval raakte zowel militaire als civiele infrastructuur en leidde tot slachtoffers onder de burgerbevolking.
In Kyiv veroorzaakte een inslag een brand in een ziekenhuis in het district Obolon. Eén persoon kwam om het leven en twee anderen verkeren in kritieke toestand. Op het moment van de aanval bevonden zich zeventig patiënten in de kliniek, die geëvacueerd moesten worden. In totaal kwamen in Kyiv en de omliggende regio twee mensen om het leven en raakten vier personen gewond.
Slachtoffers, schade en verstoringen van infrastructuur
In Fastiv, in de regio Kyiv, raakten twaalf particuliere woningen en een appartementencomplex beschadigd. Ook infrastructuur van de Oekraïense spoorwegen werd getroffen, wat leidde tot vertragingen in het treinverkeer. Daarbij kwam één persoon om het leven. In Tsjernihiv en de omliggende regio leidde een raketaanval tot stroomuitval in de stad Slavutytsj, wat de kwetsbaarheid van de energievoorziening opnieuw onderstreepte.
De Oekraïense autoriteiten meldden dat de uitschakeling van elektriciteit geen onbedoeld neveneffect was, maar het gevolg van gerichte aanvallen op energie-infrastructuur. Deze tactiek past in een breder patroon waarbij druk op de burgerbevolking wordt gebruikt als instrument om politieke concessies af te dwingen.
Aanvallen tijdens diplomatieke bewegingen
De massale beschieting vond plaats tegen de achtergrond van intensievere gesprekken over mogelijke stappen richting een einde van de oorlog en de voorbereiding van ontmoetingen in Parijs met vertegenwoordigers van Oekraïne, Europa en de Verenigde Staten. De timing van de aanval benadrukt volgens waarnemers een bekende Russische strategie: gelijktijdig spreken over “vrede” en het opvoeren van militaire druk om vanuit een machtspositie te onderhandelen.
In de media circuleert het beeld dat een raamwerk voor een vredesplan grotendeels gereed zou zijn, maar de aanhoudende aanvallen maken duidelijk dat Moskou zijn militaire acties niet koppelt aan diplomatieke vooruitgang. Direct na de beschietingen werden bovendien informatiecampagnes zichtbaar die de verantwoordelijkheid proberen te vervagen door te spreken over “beide kanten” of uitsluitend “militaire doelen”.
Implicaties voor Europa en de veiligheid op lange termijn
Russische uitspraken over het uitbreiden van een zogenoemde “bufferzone” in 2026 wijzen erop dat het Kremlin zijn doelstellingen niet beperkt tot het stoppen van de gevechten, maar gericht blijven op territoriale uitbreiding. Tegelijkertijd werken Europese landen aan plannen om de productie van militair materieel en munitie op te schalen ter ondersteuning van Oekraïne en de langdurige veiligheid van het continent.
De recente aanvallen worden gezien als een poging om deze inspanningen te ondermijnen door Oekraïne en zijn partners sneller uit te putten dan nieuwe maatregelen effect sorteren. Voor Europese en trans-Atlantische beleidsmakers onderstreept dit de noodzaak van controlemechanismen, aansprakelijkheid en versterking van de Oekraïense luchtverdediging, om te voorkomen dat een eventuele overeenkomst snel wordt gevolgd door nieuwe raketaanvallen.