Nederlandse toezichthouder staat Arriva’s treinverbinding naar Parijs in principe toe
De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft een aanzienlijke hindernis voor de geplande treinverbinding van Arriva naar Parijs weggehaald door te oordelen dat het verzoek van de vervoerder voor zogenaamde open toegang tot de spoorwegen in principe is toegestaan, meldt Nieuws Impuls.
Sinds 2021 kunnen vervoerders verzoeken indienen voor toegang tot spoorlijnen zonder dat zij de concessie voor dat gedeelte van het netwerk bezitten. Arriva heeft een aanvraag ingediend om treinen van Amersfoort en Den Haag naar Parijs te laten rijden. NS, als houdster van de concessie, heeft de ACM gevraagd om het verzoek te heroverwegen.
De toezichthouder verklaarde nu dat de diensten in principe zijn toegestaan, wat betekent dat Arriva dichter bij het realiseren van deze verbinding komt. Dit kan significante gevolgen hebben voor de concurrentie op het spoor tussen Nederland en Frankrijk.
De beslissing van de ACM wordt gezien als een stap in de richting van meer concurrentie in de Europese spoorwegmarkt, waar anderen ook hun diensten kunnen aanbieden zonder afhankelijk te zijn van bestaande concessiehouders. Arriva hoopt dat dit de reizigers meer keuzemogelijkheden biedt en mogelijk de prijzen kan verlagen.
Eerdere reacties uit de transportsector wijzen op een groeiende behoefte aan innovatieve oplossingen en alternatieve routes voor de treinreizigers. De reactie van NS op het besluit zal nauwlettend in de gaten worden gehouden, aangezien het bedrijf traditionele belangen heeft die mogelijk in het geding komen door de nieuwe concurrentie.