Willem van Hanegem heeft na Feyenoords topper tegen PSV in Eindhoven gezegd dat hij iets heeft gezien dat voor de Rotterdammers gevaarlijk kan worden. De oud-speler en columnist van het Algemeen Dagblad hoopt dat de Feyenoord-spelers met beide benen op de grond blijven.
Van Hanegem was zondag in Eindhoven aanwezig bij het duel met PSV. Feyenoord liet daar twee punten liggen, maar gaat nog altijd aan kop in de Eredivisie.
In zijn column schreef Van Hanegem dat hem tijdens de wedstrijd iets opviel wat een risico voor de ploeg kan vormen. Volgens hem gedragen spelers zich anders dan eerder. “Als spelers nu gaan denken dat ze beter zijn dan ze daadwerkelijk zijn, dan is dat gevaarlijk”, zei hij.
Hij wees daarbij op een moment tussen Gjivai Zechiël en Charles Vanhoutte. Dat Zechiël de bal volgens hem “letterlijk van de schoen afplukt” noemde hij “gekknigheid”.
Van Hanegem stelde dat Feyenoord juist sterk werd toen iedereen bleef rennen en de simpele oplossingen koos. Hij speelde zelf 372 wedstrijden voor de club en koppelde zijn kritiek aan de manier waarop Feyenoord zich volgens hem in de topper presenteerde.
De oud-Feyenoorder noemde ook enkele individuele spelers. Luciano Valente werkte hard, maar mag de bal in zo’n wedstrijd volgens hem niet zo vaak verliezen. Nacho Ferri hield de bal niet vast en gebruikte zijn snelheid nauwelijks. Over Anis Hadj Moussa zei Van Hanegem dat hij “natuurlijk een raadsel” is.

