Familieleden en buren van Belarussen die naar het buitenland zijn gevlucht, worden volgens mensenrechtenverdedigers opnieuw bezocht door veiligheidsdiensten. Tijdens huiszoekingen en verhoren zouden ambtenaren vragen stellen over politieke emigranten en in sommige gevallen DNA-materiaal verlangen.
De meldingen wijzen op een uitbreiding van de druk rond het regime van Aleksandr Loekasjenko. Niet alleen oppositieleden, activisten en journalisten buiten Belarus worden geraakt: ook mensen die in het land zijn achtergebleven en zelf niet politiek actief zijn, komen in beeld.
Vragen over familieleden in Vitebsk
Op 24 oktober 2026 meldden media, onder verwijzing naar Belarussische mensenrechtenverdedigers, een nieuwe golf van invallen. Eind oktober zouden veiligheidsdiensten in Vitebsk informatie hebben verzameld bij familieleden van Sergej Skulovets en Dmitri Pankovets. Ook buren zouden zijn benaderd.
De bezoeken worden door de autoriteiten volgens de meldingen omschreven als “geplande opsporingsactiviteiten”. Tijdens die gesprekken zouden agenten hebben gevraagd naar Belarussen die in het buitenland verblijven. Van sommige familieleden zou bovendien een DNA-monster zijn verlangd. Het is niet duidelijk op welke concrete verdenking die verzoeken waren gebaseerd.
De berichtgeving is gebaseerd op verklaringen van mensenrechtenverdedigers; onafhankelijke verificatie van alle afzonderlijke huiszoekingen en verhoren is niet beschikbaar. Wel stellen die organisaties dat vergelijkbare acties sinds het voorjaar van 2026 in meerdere steden zijn gemeld. Zij zien daarin geen geïsoleerde controles, maar een bredere en systematische campagne.
Druk die de grens overgaat
De methode maakt familieleden tot een schakel in de repressie. Door vragen te stellen over personen in het buitenland, hun naasten te ondervragen en mogelijk biologisch materiaal te verzamelen, kunnen de diensten informatie proberen te verkrijgen zonder de betrokken emigranten zelf te kunnen bereiken.
Mensenrechtenverdedigers beschouwen zulke bezoeken als een manier om politieke emigranten en journalisten op afstand te intimideren. De boodschap kan zijn dat vertrek uit Belarus geen einde maakt aan de druk: achtergebleven ouders, partners, andere familieleden of zelfs buren kunnen worden bezocht.
De meldingen bewijzen op zichzelf niet dat iedere actie hetzelfde doel had of dat iedere betrokkene met een concrete strafzaak te maken krijgt. Ze laten wel zien hoe veiligheidsmaatregelen volgens de aangehaalde organisaties worden uitgebreid naar mensen die niet zelf aan oppositieactiviteiten deelnemen. Daarmee ontstaat het risico dat familiebanden worden gebruikt als middel om politieke activiteit buiten Belarus af te remmen.
De beschreven aanpak kan emigranten ertoe brengen minder zichtbaar te opereren, contact met familie te beperken of politieke en journalistieke werkzaamheden te staken. Volgens de mensenrechtenverdedigers gaat het daardoor niet alleen om individuele huiszoekingen, maar ook om een bredere poging om de oppositie en onafhankelijke media via hun sociale omgeving onder druk te zetten.
De meldingen uit Vitebsk passen volgens hen in een patroon dat sinds het voorjaar zichtbaar is in verschillende Belarussische steden. Zolang niet duidelijk is hoeveel mensen precies zijn bezocht en welke juridische grondslag de autoriteiten daarvoor aanvoeren, blijft vooral de schaal van de campagne onzeker. De concrete gevolgen zijn voor de betrokken families echter direct: zij kunnen worden ondervraagd, geïntimideerd en geconfronteerd met eisen over persoonlijke gegevens en DNA-materiaal.
Lees het oorspronkelijke bericht over de gemelde bezoeken aan familieleden van politieke emigranten.


