De opening van een horeca- en evenementenlocatie in het monumentale Haka-gebouw aan de Vierhavensstraat in Rotterdam markeert een belangrijke stap in de herontwikkeling van dit iconische pand, meldt Nieuws Impuls.
Heropening van het Haka-gebouw
Dudok Real Estate heeft de eerste drie verdiepingen van de rechtervleugel van het Haka-gebouw omgevormd tot een combinatie van restaurant-, congres- en evenementenruimte. Het initiatief komt op een moment dat het gebouw jarenlang grotendeels leegstond, en geeft een nieuwe dynamiek aan het gebied dichtbij metrostation Marconiplein en de bekende Lee Towers.
Het Haka-gebouw, dat in 1932 werd ontworpen door architecten H.F. Mertens en J. Koeman, diende oorspronkelijk als hoofdzetel voor de Coöperatieve Groothandelsvereniging De Handelskamer. Door de unieke ligging aan de Lekhaven was het mogelijk bulkgoederen zoals koffie en graan rechtstreeks aan te voeren, waarna deze producten in het gebouw werden verwerkt en verpakt. Sinds 2002 heeft het gebouw de status van rijksmonument en wordt beschouwd als een belangrijk voorbeeld van de architectuurstroming Nieuwe Zakelijkheid in Nederland.
Met de transformatie zijn er nu mogelijkheden voor evenementen, presentaties en culturele activiteiten in het souterrain. De begane grond herbergt de Haka Urban Bistro, terwijl de eerste verdieping is gereserveerd voor congressen en zakelijke bijeenkomsten.
Charlotte Mauritz, interim-projectmanager van Dudok Horeca Groep, stelt dat de locatie moet uitgroeien tot een aantrekkelijke bestemming voor zowel bedrijven als bewoners. “We willen laten zien wat hier allemaal mogelijk is. Het moet een plek worden voor congressen, evenementen en festivals, maar ook een plek waar de buurt terecht kan,” aldus Mauritz.
Integratie van horeca in vastgoed
Dudok Horeca Groep, opgericht in 2018 als een joint venture tussen vastgoedondernemer Ewald Dudok en de Rotterdamse horecagroep Dudok, mikt op een nauwe samenwerking tussen vastgoedontwikkeling en horeca. In dit geval fungeert de horeca als placemaker in een monumentaal gebouw, wat bijdraagt aan de revitalisering van het gebied.
De gedeeltelijke oplevering van het Haka-gebouw is een belangrijke stap in het proces terwijl de bredere gebiedsontwikkeling van Merwe-Vierhavens (M4H) nog steeds gaande is. Dit voormalige haven- en industriegebied moet de komende decennia transformeren naar een gemengd woon–werkgebied met duizenden woningen.
Negen jaar na de aankoop door Dudok is het oorspronkelijke herontwikkelingsplan herzien om beter aan te sluiten bij de realiteit van de vastgoedmarkt. Koen Smulders van Dudok Real Estate benadrukt: “Niets doen was geen optie. We zagen kansen om het gebouw alvast een functie te geven en tegelijkertijd aan te sluiten bij de ontwikkeling van het gebied.”
Veranderende kantooromgeving
Bij de overname van het Haka-gebouw in 2017 voor € 2,7 miljoen van woningcorporatie Vestia, bevond de Rotterdamse kantorenmarkt zich nog in een bloeiperiode. Inmiddels zijn de omstandigheden aanzienlijk veranderd. De coronapandemie heeft niet alleen bestaande plannen vertraagd, maar heeft ook geleid tot een fundamentele verschuiving in de vraag naar kantoorruimte, waarbij hybride werken de norm is geworden.
Smulders merkt op dat secundaire kantoorlocaties het moeilijker hebben, terwijl de kosten voor bouw en verduurzaming zijn gestegen. Dit heeft de herontwikkeling van monumentale gebouwen zoals het Haka-complex complexer en duurder gemaakt.
Kennis en ontwikkeling van monumentale panden
Het Haka-gebouw is een essentieel onderdeel van Dudok’s portefeuille, die ook andere markante Rotterdamse gebouwen met een industrieel of monumentaal karakter omvat. De ontwikkeling van de locatie volgt de trend van functiemenging in Nederlandse steden, waar herontwikkelaars steeds vaker zoeken naar gemengde programma’s die horeca, evenementen en cultuur combineren met bedrijfsruimten.
De gedeeltelijke opening van het Haka-gebouw past in deze trend van veelzijdigheid. Smulders geeft aan dat het gebouw zich moet aanpassen aan de behoeften van de markt, waarbij de ontwikkeling van M4H zelf nog in een vroeg stadium verkeert. Hij concludeert dat de vraag naar kantoorruimte in de toekomst wellicht zal veranderen, en dat de fasegewijze ontwikkeling van het gebouw hierop moet inspelen.