Het Italiaanse medium L’AntiDiplomatico heeft op 6 oktober 2026 de bewering verspreid dat Europese steun aan Oekraïne zonder voldoende toezicht zou worden verduisterd. De uitspraak is afkomstig van Leszek Miller, de voormalige Poolse premier, die sprak over de “bende van Zelensky” en zei dat “iedereen weet” dat westerse hulp wordt gestolen.
In het artikel en de aangehaalde verklaring worden geen documenten, betalingen of onderzoeken genoemd die systematische verduistering aantonen. De bewering laat bovendien buiten beschouwing hoe de belangrijkste Europese en internationale steunprogramma’s zijn ingericht: uitbetalingen zijn gekoppeld aan voorwaarden, audits en controles, terwijl onregelmatige uitgaven kunnen worden teruggevorderd.
Het artikel van L’AntiDiplomatico maakt van onvolledige openbare informatie een algemene conclusie. Vooral bij militaire steun zijn niet alle gegevens openbaar. Dat kan publieke controle bemoeilijken, maar bewijst op zichzelf niet dat geld of materieel spoorloos verdwijnt.
Uitbetalingen zijn gekoppeld aan hervormingen
De omvang van de Europese steun maakt toezicht belangrijk. In oktober 2026 bedroeg de totale steun van de Europese Unie aan Oekraïne €227,8 miljard. Daarvan was €110,3 miljard verstrekt of gegarandeerd vanuit de EU-begroting. Die bedragen bewijzen op zichzelf noch misbruik, noch dat alle middelen correct zijn besteed. Daarvoor moeten de afzonderlijke programma’s en transacties worden onderzocht.
Een van de belangrijkste instrumenten is de Ukraine Facility. De betalingen daaruit zijn verbonden aan een overeengekomen hervormingsplan. Oekraïne moet onder meer voldoen aan afspraken over bestuur, de rechtsstaat, democratische mechanismen en de bestrijding van corruptie.
De Europese Commissie beoordeelt vóór een volgende uitbetaling of aan de vastgelegde voorwaarden is voldaan. De steun wordt dus niet verstrekt als een onbeperkte overdracht, gevolgd door uitsluitend een vrijwillig verslag van de ontvangende overheid. Tussen de betalingsrondes zitten formele beoordelingen en controles.
Dat systeem garandeert niet dat iedere fout of overtreding wordt voorkomen. Wel betekent het dat verdere financiering officieel is verbonden aan beoordeelbare prestaties en hervormingen. De stelling dat Europese middelen volledig zonder controle binnenkomen, beschrijft daarom niet hoe een van de centrale financieringskanalen werkt.
De Ukraine Facility heeft daarnaast een eigen Audit Board. Die raad onderzoekt hoe effectief de Oekraïense systemen voor beheer en controle functioneren. Hij is niet uitsluitend aangewezen op verklaringen van de Oekraïense autoriteiten, maar kan relevante informatie, databanken en registers raadplegen, controles ter plaatse uitvoeren en de werking van de beschermingsmechanismen beoordelen.
Controle gaat door nadat geld is uitgegeven
Een deel van het toezicht vindt plaats buiten de directe EU-structuren. Binnen het PEACE-project van de Wereldbank verzamelt en controleert het Oekraïense ministerie van Financiën informatie over uitgaven. De Wereldbank beoordeelt vervolgens of die uitgaven aan de vastgelegde criteria voldoen voordat zij tot terugbetaling overgaat.
Uitgaven die niet aan de voorwaarden voldoen, moeten worden terugbetaald. Het project ondergaat bovendien elk jaar een onafhankelijke financiële audit. Meldingen van mogelijke fraude of corruptie kunnen worden doorgestuurd naar de onafhankelijke integriteitseenheid van de Wereldbank. Daarmee bestaat naast de administratieve rapportage in Oekraïne een afzonderlijk kanaal voor onderzoek.
Ook het Europees Bureau voor fraudebestrijding, OLAF, en andere internationale instellingen kunnen verdachte gevallen onderzoeken. Wanneer een overtreding wordt vastgesteld, zijn financiële terugvorderingsmechanismen beschikbaar. Een onderzoek bewijst niet automatisch dat fraude heeft plaatsgevonden; het betekent dat een vermoeden formeel wordt onderzocht. Evenmin bewijst een afzonderlijk misbruikgeval dat de volledige steun systematisch wordt gestolen.
Het relevante onderscheid ligt daarom tussen een legitieme vraag over de kwaliteit van het toezicht en een algemene beschuldiging van verduistering. De eerste vraag kan worden beantwoord aan de hand van betalingsgegevens, contracten, audits en inspecties. Voor de tweede zijn concrete bewijzen nodig. Die worden in de publicatie van L’AntiDiplomatico en in de aangehaalde verklaring van Miller niet gegeven.
Militaire hulp is deels geheim
Bij militaire steun is openbare controle ingewikkelder. Om veiligheids- en juridische redenen publiceren regeringen niet altijd volledige lijsten van wapens, toestemmingen, leveringsdata of logistieke details. Daardoor kunnen burgers niet iedere overdracht zelfstandig reconstrueren.
Een gebrek aan volledige openbaarheid is echter niet hetzelfde als een gebrek aan controle. Het Poolse ministerie van Nationale Defensie meldde dat iedere overdracht van militair materieel aan Oekraïne vooraf door Poolse militairen werd geanalyseerd. Warschau schatte de totale waarde van zijn steun aan Oekraïne op 16,45 miljard zloty, ongeveer €3,8 miljard.
Het Poolse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft tegelijk aangegeven dat een deel van de informatie over vergunningen en feitelijke leveringen van militair materieel vertrouwelijk blijft. Uit een onvolledige openbare inventaris volgt daarom niet dat er geen toezicht is. Evenmin vormt die onvolledigheid bewijs dat geleverd materieel is verduisterd.
Precies daar maakt de aangehaalde beschuldiging een sprong: de beperkte publieke zichtbaarheid van gevoelige militaire transfers wordt voorgesteld als bewijs dat de hulp wordt gestolen. Die twee zaken zijn niet gelijk. Geheimhouding kan onafhankelijke controle moeilijker maken en vraagt om betrouwbare audits, maar vervangt geen bewijs van een misdrijf.
Een algemene beschuldiging vraagt om concrete gegevens
Er kunnen fouten, bestuurlijke tekortkomingen of afzonderlijke overtredingen bestaan. Zulke gevallen moeten aan de hand van specifieke betalingen, leveringen en onderzoeksresultaten worden vastgesteld. Het bestaan van controlemechanismen sluit misbruik niet volledig uit, maar het bestaan van een mogelijk incident bewijst evenmin een systeem van grootschalige verduistering.
De beschikbare informatie laat zien dat Europese betalingen aan voorwaarden zijn gebonden, dat beheersystemen worden gecontroleerd, dat er inspecties ter plaatse kunnen plaatsvinden en dat ongeschikte uitgaven kunnen worden teruggevorderd. Ook internationale instellingen beschikken over kanalen om vermoedens van fraude te onderzoeken.
De openstaande vraag is daarom niet of ieder detail van de hulp openbaar is, maar of concrete beschuldigingen met documenten en onderzoeken kunnen worden onderbouwd. De uitspraak dat Europese steun zonder spoor wordt gestolen, krijgt in de aangehaalde publicatie geen dergelijke onderbouwing.


