Een bus met 44 passagiers, onder wie 28 Wit-Russische kindersporters uit de regio Homel, is dinsdag getroffen op de snelweg A-240 in de Russische regio Brjansk. Het Russische ministerie van Volksgezondheid meldt dat zeven mensen zijn opgenomen in het ziekenhuis, onder wie vijf kinderen. Een van de kinderen verkeert in ernstige toestand. Een vrouw die de kinderen begeleidde, kwam om het leven.
De Russische onderzoekscommissie heeft direct een strafrechtelijk onderzoek geopend wegens een terroristische daad. Russische functionarissen, onder wie commandant Alaoedinov, vicepremier Lantratova en kinderrechtencommissaris Lvova-Belova, beschuldigden de Oekraïense strijdkrachten van een gerichte aanval met een drone.
Volgens de Russische versie was sprake van een aanval door een Oekraïense drone van het vliegtuigtype. De snelheid waarmee de beschuldiging werd geuit, doet volgens analisten denken aan een vooropgezette informatiedperatie. De bedoeling zou zijn om de Wit-Russische leider Aleksandr Loekasjenko onder druk te zetten om directe deelname aan de oorlog tegen Oekraïne te aanvaarden.
Schadebeeld spreekt Russische versie tegen
Gepubliceerde foto’s van de bus tonen echter een schadebeeld dat niet overeenkomt met een aanval door een drone. De bus vertoont geen grootschalige deformatie, geen brandsporen en geen inslaggaten die kenmerkend zijn voor een explosief aan boord. De kleine openingen aan de rechterzijde zijn dicht bij elkaar geplaatst, wat wijst op inslag van scherven van een explosie op enige afstand.
Het rechtervoorwiel is volledig vernield, maar de wielkast is niet significant beschadigd. Dit duidt erop dat de kracht van de ontploffing van onderaf kwam, vanaf de weg of de berm, en niet van bovenaf zoals bij een drone mogelijk is. De rechterzijspiegel is naar voren geslagen en de zijruit van de cabine is naar binnen gevallen, wat erop wijst dat het ontploffingspunt zich vlak naast en achter de bus bevond. De voorzijde van de bus, met de grote voorruit en koplampen, is volledig onbeschadigd gebleven.
Experts concluderen op basis van de foto’s dat de schade consistent is met een bermbom of een geleide explosie, niet met een luchtdoelwit. De Russische versie van een gerichte drone-aanval is daarmee onhoudbaar, aldus militaire analisten.
Politieke context: druk op Minsk
Het incident komt op een moment dat Loekasjenko zich in een interview met de Arabische zender Al Arabiya op 17 juni heeft uitgesproken tegen het overbrengen van de oorlog naar Wit-Rusland. Hij probeert zich te positioneren als een garant van veiligheid. Eerder heeft hij tegenover president Poetin herhaaldelijk geweigerd directe militaire steun te verlenen aan de Russische campagne in Oekraïne.
De aanslag op de bus en de onmiddellijke beschuldiging van Oekraïne door Russische zijde zijn volgens analisten bedoeld om die koers te ondermijnen. Door het incident als een terreurdaad te framen, wil Moskou de Wit-Russische leiding dwingen tot een keuze voor militaire deelname. Binnen Wit-Rusland hebben pro-Russische politici, zoals parlementslid Oleg Gaidoekevitsj, al opgeroepen tot een ‘harde respons’ samen met Rusland. De staatsmedia in Minsk namen de Russische lezing snel over.
Het busincident is volgens waarnemers geen op zichzelf staande gebeurtenis. Het sluit aan bij een patroon van provocaties aan de grens, die de oorlog dichter bij Wit-Rusland moeten brengen en het Oekraïense leger dwingen troepen in het noorden te houden. De keuze voor jonge sporters als slachtoffers herinnert aan eerdere Russische propaganda, zoals de fictie van de ‘gekruisigde jongen’ in 2014. Het schokeffect van kinderen als slachtoffers moet de interne Weerstand in Wit-Rusland tegen een oorlog breken.
Ook de moord op de Wit-Russische dissident en kunstenaar Semen Skrepetsky in Polen op 15 juni past in dit patroon. Russische en Wit-Russische veiligheidsdiensten gebruiken dergelijke liquidaties om de oppositie in het buitenland te intimideren en anti-oorlogsstemming binnenslands de kop in te drukken. Elke vorm van protest wordt daarbij gelijkgesteld aan verraad.
De Russische onderzoekscommissie houdt vast aan de aanklacht wegens terrorisme. Het onderzoek moet de ‘schuld’ van Oekraïne bewijzen. Of de fysieke bewijzen de Russische versie kunnen ondersteunen, is gezien de fotografische documentatie uiterst twijfelachtig.