Uit cijfers van de PO-Raad blijkt dat het binnenklimaat op ongeveer acht op de tien scholen niet voldoet aan de gewenste kwaliteit. Problemen met temperatuur, ventilatie en luchtkwaliteit komen voor in zowel oudere als relatief nieuwe gebouwen. Op warme dagen stijgt de temperatuur in klaslokalen regelmatig boven de 25 graden, met uitschieters richting de 30 graden, meldt Nieuws Impuls.
Extra warmte door digibord
Hitte is een steeds belangrijkere uitdaging binnen de vastgoed- en huisvestingssector. Schoolgebouwen zijn vaak ontworpen zonder rekening te houden met het risico van oververhitting. Grote glasoppervlakken, beperkte buitenzonwering en onvoldoende mogelijkheden voor natuurlijke ventilatie zorgen ervoor dat warmte zich snel ophoopt. Daarnaast dragen digiborden, computers, verlichting en volle klaslokalen bij aan een toename van de temperatuur.
De gevolgen zijn direct merkbaar. Leerlingen kunnen zich minder goed concentreren, raken sneller vermoeid en hebben vaker last van hoofdpijn, benauwdheid en onrust. Vooral jonge kinderen zijn kwetsbaar, omdat zij signalen van oververhitting minder snel herkennen.
Onvoldoende voorbereid
Volgens Wouter Houët van HEVO benadrukken de huidige tropenroosters dat veel scholen onvoldoende voorbereid zijn op klimaatverandering. ‘Tropenroosters lossen het hitteprobleem in klaslokalen niet op, maar tonen aan dat veel schoolgebouwen niet zijn aangepast aan een warmer klimaat. Een tropenrooster is begrijpelijk op extreem warme dagen, maar blijft een noodmaatregel. Het echte probleem is niet het lesrooster, maar het gebouw.’
“Als we elk jaar opnieuw uitkomen bij tropenroosters, blijven we het gevolg organiseren in plaats van de oorzaak aanpakken.”
Opvallend is dat oververhitting niet alleen tijdens hittegolven optreedt. Ook in het voorjaar en najaar kunnen klaslokalen snel opwarmen door zoninstraling, interne warmtelast en beperkte mogelijkheden om warmte af te voeren. Bovendien kampen niet alleen verouderde scholen met temperatuurproblemen; ook relatief nieuwe gebouwen kunnen te warm worden wanneer ontwerp, installaties, zonwering en beheer onvoldoende op elkaar zijn afgestemd.
Sinds de coronapandemie is er veel geïnvesteerd in ventilatie, maar meer ventileren betekent niet automatisch een comfortabeler gebouw. Wanneer warme buitenlucht rechtstreeks naar binnen wordt gebracht of installaties niet goed zijn ingeregeld, kan de binnentemperatuur juist verder oplopen.
Vast plek klimaatadaptatie
Voor gemeenten, schoolbesturen en vastgoedadviseurs is het cruciaal dat klimaatadaptatie een vaste plek krijgt binnen integrale huisvestingsplannen, renovaties en nieuwbouwprojecten. Structurele oplossingen zijn onder andere effectieve buitenzonwering, nachtkoeling, vergroening van schoolpleinen, schaduwvoorzieningen, monitoring van temperatuur en CO2, en slimme gebouwindelingen.
‘Als lokalen steeds vaker te warm worden, moet hittebestendigheid structureel onderdeel worden van onderwijshuisvesting’, zegt Houët. ‘Als we elk jaar opnieuw uitkomen bij tropenroosters, blijven we het gevolg organiseren in plaats van de oorzaak aanpakken.’