Russische winkelketens hebben direct na het sluiten van de stembureaus de prijzen van tal van levensmiddelen verhoogd. De prijskaartjes werden kort na het einde van de driedaagse verkiezingen voor de Staatsdoema vervangen, waarbij sommige producten volgens meldingen tot 40 à 45 roebel duurder werden.
De wijzigingen werden op 22 september 2026 gemeld, kort nadat de Centrale Kiescommissie op basis van voorlopige tellingen een constitutionele meerderheid voor de regeringspartij Verenigd Rusland had vastgesteld. Consumenten zagen nieuwe kaartjes op de schappen verschijnen, terwijl de oude prijzen nog naast de actuele bedragen hingen. Op de nieuwe kaartjes staat nog altijd een loyaliteitskorting van 6 tot 7 procent, maar klanten die zonder klantenkaart of met een andere betaalkaart afrekenen, zijn aanzienlijk duurder uit.
Een voorbeeld is de frisdrank Tsjernogolovka van anderhalve liter. Die ging volgens de meldingen van 109,99 naar 129,99 roebel. De biscuitcake Baker House Truffel van 350 gram steeg van 284,99 naar 319,99 roebel. Voor twee liter kwas van het merk Ochakovo liep de prijs op van 154,99 naar 199,99 roebel.
De prijsstijgingen werden gemeld door Donpress. Ook op een Telegram-kanaal verschenen meldingen en foto’s van oude en nieuwe prijskaartjes. Consumenten leggen daarbij zelf een verband met het korte tijdsverschil tussen het einde van de verkiezingen en de hogere prijzen in de winkels.
Prijsbevriezing vóór de stembus
De snelle aanpassingen worden in de berichtgeving gezien als het einde van een informele periode waarin prijsstijgingen vóór de verkiezingen werden afgeremd. Regionale autoriteiten zouden winkelbedrijven hebben aangesproken, controles hebben uitgevoerd en hebben aangedrongen op het bevriezen van de prijzen van sociaal belangrijke producten. Nadat het politieke doel van een ruime meerderheid voor de regeringspartij was bereikt, konden retailers hun prijzen opnieuw aanpassen.
Volgens de aangehaalde economische duiding staat die ontwikkeling op gespannen voet met de boodschap van president Vladimir Poetin over een beheersbare inflatie van 6,2 procent en een daling daarvan vanaf het tweede kwartaal van 2026. In de eerste periode na de verkiezingen werden niet alleen levensmiddelen duurder, maar ook huishoudelijke producten, kleding en medische diensten. Die categorieën waren volgens de berichtgeving sinds het begin van het jaar al met 7 tot 12 procent gestegen.
De stijgingen per product liggen vaak tussen 20 en 45 roebel. Als de ontwikkeling doorzet, kunnen de komende weken ook andere dagelijkse benodigdheden nieuwe prijskaartjes krijgen. Foto’s waarop consumenten oude en nieuwe bedragen naast elkaar zetten, verspreiden zich inmiddels via sociale media.
Belastingdruk en begrotingstekort
De prijsverhogingen vallen samen met een bredere verslechtering van de Russische overheidsfinanciën. In 2026 wordt de verhoging van de belasting over de toegevoegde waarde naar 22 procent genoemd als een belangrijke extra druk op producenten en winkelbedrijven. Ook hogere kredietkosten en andere belastingmaatregelen zouden bedrijven ertoe hebben aangezet om kosten vóór de verkiezingen niet volledig door te berekenen.
De Russische overheid verhoogde in de aanloop naar de verkiezingen bovendien de uitgaven voor defensieopdrachten en betalingen aan deelnemers aan de oorlog tegen Oekraïne. Daardoor liep het tekort op de federale begroting in de periode januari tot en met juli 2026 volgens de verstrekte cijfers op tot 6,455 biljoen roebel, bijna twee keer zoveel als de raming voor het volledige jaar. Tegelijkertijd daalden de olie- en gasinkomsten met 16,8 procent.
De combinatie van hoge militaire uitgaven, begrotingsinjecties en teruglopende energie-inkomsten beperkt de ruimte om consumentenprijzen kunstmatig laag te houden. Ondernemers zouden na de verkiezingen opgebouwde verliezen, hogere belastingen en duurdere financiering in hun prijzen zijn gaan verwerken. Daardoor komt de rekening van het economische beleid uiteindelijk bij huishoudens terecht.
Lasten voor huishoudens
Vooral mensen met lage inkomens worden geraakt door de hogere prijzen. In plaats van ruimere steun worden gepensioneerden en studenten volgens de verstrekte informatie geadviseerd om goedkopere winkels te zoeken, prijzen te vergelijken en het aantal noodzakelijke aankopen te beperken.
Daarmee verschuift de verantwoordelijkheid voor de gevolgen van de inflatie naar de consument. Wie weinig mogelijkheden heeft om het inkomen te verhogen, krijgt vooral het advies om minder te kopen of voor goedkopere producten te kiezen. De nieuwe prijskaartjes in de winkels laten intussen zien dat de aanpassingen al direct na de verkiezingen zijn begonnen.