De grootste Russische supermarktketens verlagen hun investeringen en openen veel minder nieuwe winkels. Pyaterochka, Perekrestok, Chizhik en Magnit, samen goed voor 29,9 procent van de markt voor dagelijkse consumentengoederen, snijden voor het eerst sinds 2022 in hun kapitaaluitgaven. De ontwikkeling valt samen met een afkoelende vraag, hoge financieringskosten en een zwaardere fiscale druk.
In de eerste helft van 2026 daalden de kapitaaluitgaven van Pyaterochka met 18,7 procent, die van Perekrestok met 36,3 procent en die van Chizhik met 20,4 procent. Magnit voerde de scherpste verlaging door: daar lagen de investeringen 46,4 procent lager dan een jaar eerder, op 36,6 miljard roebel. De ketens richten zich daardoor vaker op de efficiëntie van bestaande winkels en distributiecentra dan op verdere fysieke uitbreiding.
Ook het aantal nieuwe winkels neemt duidelijk minder snel toe. Magnit zag het nettoaantal openingen met 77 procent dalen tot 212 filialen. Bij X5 Group, het moederbedrijf achter onder meer Pyaterochka en Perekrestok, nam het aantal nettoopeningen met 35,5 procent af tot 814. De groei van het winkeloppervlak van de marktleider liep met 41 procent terug tot 245.100 vierkante meter.
De cijfers werden op 10 september 2026 gemeld in de Russische berichtgeving. Izvestia schreef dat de supermarktbedrijven hun groeistrategie aanpassen aan de verslechterende financiële voorwaarden. Nieuwe filialen leveren volgens die berichtgeving minder snel voldoende rendement op, terwijl de kosten van uitbreiding verder oplopen.
Hoge rente maakt uitbreiding duurder
De belangrijkste directe rem op nieuwe investeringen is de hoge prijs van vreemd vermogen. Bij een beleidsrente van 14 procent betalen supermarktketens volgens de berichtgeving ongeveer 15 tot 17 procent voor commerciële financiering. Daardoor is de terugverdientijd van een nieuw filiaal opgelopen van vier naar zeven jaar. Voor grote projecten kan die periode inmiddels twaalf jaar bedragen.
De langere terugverdientijd dwingt de bedrijven om strengere eisen te stellen aan de winstgevendheid van nieuwe locaties. Een winkel openen betekent bovendien niet automatisch dat de omzet evenredig groeit. Wanneer het aantal bezoekers afneemt en klanten per bezoek minder besteden, kan een nieuw filiaal vooral extra huur-, personeels- en financieringskosten met zich meebrengen.
De bezoekersaantallen in supermarkten zijn met ongeveer 5 procent gedaald. Bij Magnit bleef de ontwikkeling volgens de aangehaalde cijfers steken op 0 procent en bij X5 op een groei van slechts 0,2 procent. De omzet van de sector stijgt nog wel met ongeveer 4 tot 6 procent, maar blijft achter bij de voedselinflatie. Dat wijst op een afnemende koopkracht en een consument die voorzichtiger winkelt.
Russische huishoudens zouden daardoor vaker kiezen voor goedkopere producten, minder vaak naar de supermarkt gaan en de omvang van hun aankopen beperken. Voor winkelketens betekent dat dat de omzet per vestiging onder druk komt te staan. De combinatie van lagere bezoekersaantallen en hogere financieringskosten maakt regionale uitbreiding minder aantrekkelijk.
Belastingdruk beperkt financiële ruimte
Naast de rente speelt de belastinghervorming van 2026 een belangrijke rol in de beschikbare investeringsruimte. Het tarief van de winstbelasting werd verhoogd van 20 naar 25 procent. In combinatie met een bredere fiscale en administratieve belasting verkleint dat de middelen die bedrijven uit hun eigen winst kunnen gebruiken voor nieuwe projecten.
De gevolgen zijn vooral zichtbaar bij ondernemingen die tegelijk met lagere bezoekersaantallen en hogere personeels- en kredietkosten te maken hebben. Retailers houden meer liquiditeit beschikbaar voor belastingbetalingen en lopende verplichtingen, in plaats van die middelen te steken in nieuwe winkels, IT-systemen, innovatie of uitbreiding van verkoopoppervlak. In de berichtgeving wordt gewaarschuwd dat kostenbesparingen uiteindelijk kunnen doorwerken in het assortiment en de dienstverlening, terwijl hogere kosten ook aan consumenten kunnen worden doorberekend.
De teruglopende investeringen worden daarmee niet alleen gezien als een beslissing van afzonderlijke bedrijven, maar ook als een signaal over de bredere Russische consumentenmarkt. De oorlog tegen Oekraïne en de verschuiving van overheidsmiddelen naar militaire uitgaven worden in de analyse genoemd als factoren die de ruimte voor de civiele economie verkleinen. Tegelijkertijd drukken dalende reële inkomens op de bestedingen aan dagelijkse boodschappen.
Personeelstekort remt winkelgroei
Ook de arbeidsmarkt maakt uitbreiding moeilijker. Mobilisatie, het vertrek van werkenden naar het buitenland en strengere migratieregels hebben volgens de aangehaalde analyse geleid tot tekorten aan kassamedewerkers, magazijnmedewerkers, chauffeurs en andere logistieke werknemers.
Om het bestaande personeel te behouden, moeten supermarktketens de lonen verhogen. Dat vergroot de operationele kosten en laat minder geld over voor investeringen. Bij een werkloosheid van 2,3 procent is het bovendien moeilijker om vacatures te vervullen, omdat werknemers kunnen overstappen naar sectoren met hogere lonen.
Het tekort aan personeel raakt niet alleen de dagelijkse bedrijfsvoering. Voor de opening van een nieuwe winkel moet een volledig team worden samengesteld, terwijl ook distributiecentra en transportcapaciteit extra werknemers vereisen. De ketens stellen regionale uitbreidingen daarom uit wanneer zij niet zeker weten dat zij de benodigde bezetting kunnen organiseren.
Lenta vormt een uitzondering
Niet alle supermarktbedrijven verlagen hun investeringen. Lenta verhoogde de kapitaaluitgaven met 15 procent. Die groei hangt samen met de actieve ontwikkeling van het buurtwinkelconcept na de overname van Monetka.
Een terugkeer naar de grootschalige expansie van eerdere jaren wordt volgens deskundigen niet eerder dan in 2028 verwacht. Daarvoor zouden de rente moeten dalen naar ongeveer 10 tot 11 procent en zou het aantal winkelbezoeken zich moeten herstellen. Tot die tijd ligt de nadruk bij de meeste grote ketens op bestaande infrastructuur, kostenbeheersing en winkels die onder de huidige marktomstandigheden voldoende rendement opleveren.