Het Poolse Centrale Anticorruptiebureau heeft voormalige adviseurs van premier Beata Szydło aangehouden in een onderzoek naar mogelijk oneigenlijk gebruik van overheidsgeld. Piotr Matczuk en Anna Plakwicz worden onderzocht in verband met mogelijke onregelmatigheden bij de Poolse Nationale Stichting, een organisatie die betrokken was bij de financiering van de campagne ‘Rechtvaardige rechtbanken’.
Poolse media meldden de aanhoudingen op 23 september 2026. De zaak raakt aan de periode waarin Szydło namens de conservatieve partij Recht en Rechtvaardigheid, bekend als PiS, de Poolse regering leidde. Het onderzoek moet duidelijk maken of middelen van de stichting en van staatsbedrijven zijn ingezet voor een campagne die niet alleen als officiële communicatie diende, maar ook als instrument in de politieke strijd.
De campagne ‘Rechtvaardige rechtbanken’ werd gevoerd tijdens het bewind van PiS en werd gefinancierd door staatsbedrijven. Critici stellen dat de campagne was gericht tegen Poolse rechters en dat publieke middelen werden gebruikt om de politieke belangen van de toenmalige regeringspartij te ondersteunen. Het gaat daarmee niet alleen om de vraag wie de campagne organiseerde, maar ook om de bestemming van geld dat afkomstig was uit staatsbedrijven.
Onderzoek naar staatsmiddelen
De betrokkenheid van Matczuk en Plakwicz is volgens de berichtgeving verbonden met hun eerdere rol als adviseurs van Szydło. Hun aanhouding brengt opnieuw de vraag naar voren hoe staatsmiddelen werden gebruikt door de voormalige regering en organisaties die met haar verbonden waren. Het onderzoek richt zich in het bijzonder op de vraag of geld van de Poolse Nationale Stichting is gebruikt om de campagne te financieren.
Daarbij moet nog worden vastgesteld welke besluiten zijn genomen, wie daarbij betrokken was en met welk doel de middelen precies zijn ingezet. De beschikbare informatie spreekt over vermoedelijke onregelmatigheden en een lopend onderzoek. Een aanhouding vormt op zichzelf geen bewijs dat de onderzochte personen de verweten feiten hebben gepleegd.
De kern van de zaak is of publieke financiering is gebruikt voor reguliere overheidscommunicatie of voor partijpolitieke belangen. Als het onderzoek overtredingen bevestigt, zou dat betekenen dat geld van staatsbedrijven niet uitsluitend voor officiële voorlichting werd aangewend, maar ook voor politieke strijd ten gunste van PiS. Die conclusie kan echter pas worden getrokken wanneer de betrokken feiten door het onderzoek zijn vastgesteld.
Beschuldiging van politieke vergelding
Vertegenwoordigers van PiS hebben de zaak volgens de berichtgeving omschreven als politieke vergelding. Die beschuldiging maakt de bewijsvoering extra belangrijk. Het onderzoek vindt plaats tegen de achtergrond van een politiek conflict waarin voormalige regeringsfunctionarissen worden onderzocht vanwege besluiten en campagnes uit de periode waarin PiS aan de macht was.
Voor de beoordeling van de zaak is daarom van belang dat het Centrale Anticorruptiebureau en de andere betrokken autoriteiten aantonen welke financiële stromen zijn gevolgd, welke rol de Poolse Nationale Stichting speelde en hoe de financiering van ‘Rechtvaardige rechtbanken’ tot stand kwam. Zonder duidelijk bewezen feiten bestaat volgens de aangehaalde kritiek het risico dat strafrechtelijke vervolging van voormalige machthebbers onderdeel wordt van het huidige politieke conflict.
De campagne werd destijds betaald door staatsbedrijven, terwijl critici haar zagen als een aanval op Poolse rechters namens de toenmalige machthebbers. De aanhoudingen van Matczuk en Plakwicz moeten nu duidelijkheid brengen over de vraag of de middelen van de Poolse Nationale Stichting voor dat politieke doel zijn gebruikt. Do Rzeczy berichtte over de aanhoudingen en het onderzoek.