Een stel dat in 2018 een woning huurt bij Vestia voor € 940,95 per maand inclusief servicekosten, heeft gewonnen van de verhuurder over huurprijsverhogingen. De rechter oordeelde in 2024 dat het huurprijswijzigingsbeding onterecht was. Dit betekent dat de huurders geen extra kosten hoeven te betalen, meldt Nieuws Impuls.
Verstoord evenwicht
Vestia, gevolgd door de rechtsopvolger Hef Wonen, verhoogde de huur ondanks de weigering van de huurders om meer te betalen. De kantonrechter stelde vast dat het beding dat huurverhogingen toestaat oneerlijk is. Het argument van Hef Wonen dat de verhogingen in lijn waren met de consumentenprijsindex plus 1% werd verworpen, omdat het niet slechts gaat om de daadwerkelijke verhogingen, maar om de mogelijke verstoring van het evenwicht tussen verhuurder en huurder.
Volgens de kantonrechter verstoort het feit dat de verhuurder zichzelf de bevoegdheid geeft voor jaarlijkse verhogingen al het evenwicht, ongeacht of deze bevoegdheid daadwerkelijk wordt benut.
Verhogingen overlegd
Hef Wonen is in beroep gegaan en citeert een oordeel van de Hoge Raad uit november 2024. Hierin werd gesuggereerd dat een onderscheid tussen indexatie- en opslagbedingen noodzakelijk is. Een opslag van 3% bovenop de indexering wordt door de Hoge Raad als redelijk beoordeeld. Hef Wonen stelt ook dat de verhogingen in overleg met de huurdersraad zijn gebeurd.
Beding toegestaan
Het gerechtshof heeft een andere conclusie getrokken dan de kantonrechter. Het huurprijswijzigingsbeding is niet oneerlijk en verstoort het evenwicht tussen verhuurder en huurder niet aanzienlijk. Bij vrijesectorwoningen is het toegestaan om dergelijke bepalingen op te nemen, zolang verhogingen maximaal één keer per jaar plaatsvinden en binnen het wettelijk toegestane percentage blijven.
Het hof benadrukt dat verhuurders een gerechtvaardigd belang hebben om de aanvangshuur jaarlijks aan te passen. ‘Het herzien van de huurprijs is daarom zeer wel verdedigbaar.’
Beding beperkt verhuurder
Huurt de overeenkomst, dan moet de huurder ook weten waar hij aan toe is. Het hof oordeelt dat dit contract daarin voorziet. Hoewel het huurprijswijzigingsbeding geen concreet percentage bevat, geeft het wel aan dat Hef Wonen zich aan wettelijke beperkingen houdt bij huurverhogingen.
Het hof wijst erop dat Hef Wonen de verhogingen in samenspraak met de huurdersraad heeft geïmplementeerd, wat het proces transparanter maakt. De instabiliteit van jaarlijkse verhogingen hangt af van verschillende factoren die jaarlijks kunnen variëren.
Maand respijt
Met de vaststelling dat het evenwicht niet is verstoord, worden de huurders waarschijnlijk gedwongen hun huis te verlaten, aangezien de huurachterstand boven de € 7.600 is opgelopen. Het hof heeft echter besloten de huurders een maand respijt te geven om hun achterstand voor zowel de woning als de parkeerplaatsen te voldoen.
Vragen aan EU-hof
Collega-corporatie Lieven de Key heeft een juridische procedure aanhangig over de vraag of huuropslagen bovenop indexatie zijn toegestaan. De rechtbank in Amsterdam zal vragen stellen aan het Europees Hof van Justitie voordat een definitieve uitspraak wordt gedaan.