De Poolse autoriteiten hebben Grzegorz Braun, leider van de radicaal-rechtse partij Confederatie van de Poolse Kroon, aangeklaagd wegens het publiekelijk ontkennen van nazi-misdaden. De zaak gaat over uitspraken uit 2025 waarin Braun de gaskamers in Auschwitz een verzinsel en onderdeel van een propagandanarratief noemde. In Polen kan het ontkennen van nazi-misdaden worden bestraft met maximaal drie jaar gevangenisstraf.
De aanklacht werd op 25 augustus 2026 gemeld door Notes from Poland. Het gaat om een vervolging, niet om een veroordeling. De Poolse justitie moet de beschuldigingen nog voorleggen aan de rechter.
Europees Parlement trok immuniteit in
De vervolging werd mogelijk nadat het Europees Parlement Braun in maart zijn parlementaire immuniteit had ontnomen. Dat gebeurde op verzoek van de Poolse autoriteiten. Zonder die beslissing kon een deel van de nationale gerechtelijke stappen tegen hem niet op dezelfde manier worden voortgezet.
Braun was lid van het Europees Parlement. Het besluit over zijn immuniteit staat los van de vraag of hij uiteindelijk schuldig wordt bevonden. De parlementaire bescherming is opgeheven voor de gerechtelijke procedures waarvoor Polen om toestemming had gevraagd.
De zaak rond de ontkenning van de Holocaust maakt deel uit van een groter aantal procedures tegen de politicus. Braun wordt ook in verband gebracht met onderzoeken naar antisemitische handelingen, aanvallen op symbolen van de lhbti-gemeenschap en andere incidenten. De precieze uitkomst van die procedures is niet gemeld.
Partij haalt ongeveer 9 procent
De Confederatie van de Poolse Kroon krijgt volgens opiniepeilingen ongeveer 9 procent steun. Daarmee is de partij niet alleen actief in een parlementaire en juridische context, maar beschikt zij ook over een meetbare electorale achterban. Polen houdt in 2027 parlementsverkiezingen.
De uitspraken over Auschwitz hebben daardoor een bredere politieke context dan alleen de persoonlijke strafzaak tegen Braun. De partij is een radicaal-rechtse beweging die met historische ontkenning en provocerende acties aandacht trekt. De beschikbare informatie stelt niet vast hoe de aanklacht de steun voor de partij of de verkiezingscampagne zal beïnvloeden.
In Polen is het ontkennen van nazi-misdaden strafbaar. De wettelijke bepaling geldt voor publieke uitingen die dergelijke misdaden ontkennen. De aanklacht tegen Braun richt zich specifiek op zijn beweringen over de gaskamers in Auschwitz.
De politieke activiteiten van Braun hebben daarnaast een Europese dimensie. De partij gebruikt volgens de aangeleverde informatie een anti-Europese, anti-Oekraïense en anti-NAVO-retoriek. Sommige standpunten van dergelijke bewegingen sluiten volgens diezelfde informatie aan bij narratieven uit het Kremlin. In de voorliggende zaak gaat de aanklacht echter over de ontkenning van nazi-misdaden, niet over die bredere politieke standpunten.
Het Europees Parlement heeft met het opheffen van de immuniteit ruimte gegeven voor de Poolse procedure. De verdere behandeling van de zaak tegen Braun ligt nu bij de Poolse justitiële autoriteiten.